Counterfactual History

Report
HET GEBRUIK VAN
COUNTERFACTUAL HISTORY IN DE
GESCHIEDENISLES
NASCHOLING HISTORISCHE CONTEXTEN
NOVEMBER 2014
DE VAL VAN DE MUUR/ WAT GEBEURDE ER?
1989, augustus. De grens tussen Oostenrijk en Hongarije wordt
geopend. Dit moment kan worden gezien als het begin van het einde
van de spanningen tussen Oost en West gedurende de Koude Oorlog.
1989, 9 november, precies om 18.57 uur. In Berlijn vindt een
personferentie plaats mbt de versoepeling van de regels om de grens
tussen Oost- en West Berlijn te passeren. Hierbij doet Schabowski –
woordvoerder van de regering van de DDR – de mededeling dat de
grens per direct geopend is.
1989, dezelfde avond, 23.52 uur. Harald Jäger, commandant van de
grenspost bij de Bornholmerstrasse, ziet een grote menigte uit Oost
Berlijn naderen. Hij zegt: ”Ze bekijken het maar! Ik open de grens. De
burgers van de DDR zijn vrij om te gaan."
CF- SCENARIO/ WAT HAD OOK KUNNEN
GEBEUREN

Commandant van de grenstroepen Jäger geeft de order om op de
menigte te vuren, met vele slachtoffers als gevolg.

Het Westen is in shock. Bij monde van president Bush besluit het
alle overeenkomsten met de Soviets mbt. de ontwapening te
herroepen.

De Koude Oorlog bereikt een nieuw ijskoud stadium. Vladimir
Kryuchkov, hoofd van de KGB, vervangt Gorbatsjov en neemt het
bestuur van de SU stevig ter hand. Bijna dertig jaar na de Cubacrisis
heeft de Koude Oorlog opnieuw een absoluut dieptepunt bereikt. "
GESCHIEDENIS OP SCHOOL
• Het historisch verhaal op school is vaak deterministisch van karakter
 ‘outcome knowledge’
• (...) “outcome knowledge” affects our understanding of the past by
making it difficult for us to recall that we were once unsure about
what was going to happen (Lebow, 2007, 158)
WAT WETEN WE OVER HET
VERLEDEN?
• Het verleden ‘an sich’ heeft geen betekenis
• Het verleden krijgt betekenis door ‘onze’ tussenkomst en interpretatie
• Wij construeren dus het verleden......
• Wanneer we onze leerlingen onderwijzen moeten we ons daarvan bewust
zijn  historisch redeneren
WIE ES EIGENTLICH GEWESEN IST???
Het verleden
Sporen/ bronnen
? =?
Beeld/ Narratief
Onderzoeker/ Historicus
HISTORISCH REDENEREN
Van Boxtel, Van Drie, 2007
Seixas, 2013
•
•
•
•
•
•
Historical significance
Evidence
Continuity and change
Cause and consequence
Historical perspectives
The ethical dimension
HISTORISCH REDENEREN EN ‘COUNTERFACTUALS’

Gebruik van ‘counterfactuals’ doet een beroep op thema’s en vaardigheden als:
•
.... Verandering en continuiteit/ significantie (er verandert veel voor veel mensen, de
verandering is blijvend van aard, de gebeurtenis maakt iets onderliggends zichtbaar)
•
.... Oorzaak en gevolg = determinisme <> toeval / onbedoelde gevolgen
•
.... Tijd- en plaatsgebondenheid, inleving
•
.... Historisch contextualiseren
•
.... Filosoferen over het verleden/ geschiedenis; vragen stellen over de pedagogische
waarde van ons vak;
•
Van Boxtel & Van Drie, 2007, Seixas, 2013
•
.... Hogere orde vaardigheden, zoals analyseren, evalueren en creatief denken/ scheppen
•
Marzano 2007, Anderson and Krathwohl, 2001

Bovendien: CHR is FUN en stimuleert de creativiteit van de leerlingen
UITGANGSPUNTEN VOOR COUNTERFACTUEEL
HISTORISCH REDENEREN (CHR)
•
CHR is een gedachtenexperiment mbt tot de vraag wat gebeurd had
kunnen zijn als .... (ipv wat we denken dat ‘echt’ is gebeurd)
•
Counterfactuele werelden moeten fysiek mogelijk zijn net zoals
historische werelden.
•
CHR kan gebruikt worden om het belang van een specifieke (f)actor
in de historische wereld te verifiëren of te testen door die aan te
passen of te elimineren.
•
CHR is geen ‘Spielerei’; het is gehouden aan de basale principes van
historisch redeneren- en kan adh daarvan beoordeeld/ bekritiseerd
worden.
UITGANGSPUNTEN VOOR HET ONTWERPEN VAN EEN
COUNTERFACTUEEL SCENARIO/ NARRATIEF
•
De geschiedenis mag slechts minimaal herschreven worden
•
De gevolgen van de counterfactuele interventie moeten 1) logisch
en beredeneerd zijn, 2) fysiek en historisch mogelijk zijn, 3)
differentiëren tussen gevolgen op korte en lange(re) termijn
•
Er mag maar 1 divergentiepunt worden gekozen – zo realistisch en
concreet mogelijk
HET DIVERGENTIEPUNT
Alternative course
The course of history
The course of history
Alternative course
TWEE SOORTEN VAN CF SCENARIO’S/ SCENARIO 1
• Het plausibele, realistische en tijdgebonden scenario (Wat als
Franz-Ferdinand niet was overleden bij de moordaanslag?)
• De plausibiliteit van een CF-scenario hangt af van de context
de ‘scriptwriter’ “must place himself in the position of the
contemporaries to whom the various possible alternatives were
still available, for whom the selection was not closed by the
actualization of one of them” (Dolozel, 2004, 117)  historische
empathie!!
• Het wonderbaarlijke CF-scenario (Wat als drie Afrikaanse
journalisten door IS waren vermoord ipv twee Amerikanen en een
Brit?)
• “Miracle counterfactuals help us work through moral and
scholarly problems” (Lebow, 161)
OPDRACHT
Bedenk een historisch scenario uit een van de vier historisch
contexten en beschrijf dat kort.
Bedenk en verantwoord daarin 1 divergentiepunt (concreet,
realistisch, ahw tot op het uur van de dag)
Schrijf een counterfactueel historisch scenario vanaf het
divergentiepunt. Beschrijf gevolgen op de korte termijn en op
de lange(re) termijn. Expliciteer op welke historische
vaardigheden een beroep wordt gedaan.
Presenteer
LARRY FERLAZZO
What Did You Learn About History?
• I learned that one minor event can change history on a major scale.
• Every event can have an impact on what is happening right now.
• The present might have been better if some things happened but our present
isn’t as bad as what could have happened.
• The fact that a tiny change in the past could lead to a dramatic change in the
future.
• I learned that in history even the smallest detail counts, especially when you
are researching it, as it can lead to some very unexpected results.
• I learned a lot from my classmates, including many real events that I hadn’t
even known had occurred.
REFERENCES
•
Van der Meer, Ton, Wat als ... Pim Fortuyn niet was vermoord, Amsterdam, 2011
•
Boxtel van, C, Driel van, J, Historical Reasoning. Towards a framework for anlyzing
students’ reasoning about the past, In: Educational Psychology Review, 2007
•
Bunzl, Martin, Counterfactual History, A User’s Guide, in: The American Historical
review, vol. 109, no. 3, 2004
•
Holthuis, P, Huijgen, T, Towards bad history? A call for the use of counterfactual
historical reasoning in history education, in: Historical Encounters, vol 1, no. 1, 2014
•
Lebow, Richard Ned, Counterfactual Thought Experiments: a Necessary Teaching
Tool, in: The History teacher, vol 40, no. 2 (2007)
•
Robert, Scott, L, Using Counterfactual History to Enhance Students’s Historical
understanding, in: The Social Studies, 2011
•
Seixas, Peter, Morton, Tom, The Big Six Historical Thinking Concepts, Toronto, 2013
•
Sladek, O, Between History and Fiction: On the Possibilies of Alernative History, in:
Écritures de l’histoire, écritures de la fiction, Dossier issu du colloque 16 au 18 mars
2006.
DIDACTISCHE MOGELIJKHEDEN
 Ontwerp en schrijf een counterfactueel scenario/ frame/ narratief
(essay/ filmscript etc)
 Vergelijk een historische wereld met een door de docent zelf
bedacht counterfactueel scenario/ frame/ narratief (een nieuws
rapportage, een discussie tussen twee leerlingen, een powerpoint
presentatie etc)
 Analyseer een gegeven alternatief scenario/ frame/ narratief op
basis van 1) verschillende historische vaardigheden en 2) het
probleem van determinisme in de benadering van het verleden (een
review in een bedacht of bestaande tijdschrift, via hardop-denken
protocol etc)
DISCUSSION
• Zou een dergelijke aanpak de motivatie van leerlingen stimuleren?
• Stimuleert CHR werkelijk historisch redeneren?
• Is de veronderstelling dat via deze manier van werken de volgende
historische vaardigheden worden gestimuleerd correct? Omgaan
met ..........
•
•
•
•
•
Oorzaak en gevolg
Continuiteit en verandering
Significantie
Redeneren op basis van een historische context
Morele vraagstukken

similar documents