havo_les_voortplanting

Report
Biologie
Voortplanting en
ontwikkeling
Havo
DOCENT: A. SEWSAHAI
HENRY N. HASSANKHAN SCHOLENGEMEENSCHAP LELYDORP (HHS-SGL)
Boek: 4H
Doelstellingen
De student
 moet de delen het voortplantingsstelsel van zowel een
man als een vrouw kunnen noemen, alsook de functies
en de kenmerken hiervan
 moet de werking kunnen beschrijven van de hormonen
die bij de voortplanting een rol spelen
 moet de symptomen, besmetting en
genezingsmogelijkheden kunnen noemen van de meest
voorkomende geslachtsziekten
De voortplanting bij de mens
-MANNELIJK - EN VROUWELIJK
VOORTPLANTINGSSTELSEL
-BEGRIP PUBERTEIT
-BEGRIP MENSTRUATIE (CYCLUS)
-VGL.ZAADCEL EN EICEL
-BEVRUCHTING EN ONTWIKKELING
-BEVALLING EN GEBOORTE
-VOORBEHOEDSMIDDELEN
-SOA’S
Delen van het voortplantingsstelsel van een man met de functies:
• Teelballen (testes): produceren zaadcellen (spermacellen) en testosteron.
• Bijballen: opslag van zaadcellen.
– In het zure milieu van de bijballen zijn de zaadcellen bewegingloos.
• Balzak (scrotum): huidplooi waarin teelballen en bijballen liggen.
–De temperatuur in de balzak is ongeveer 2 °C lager dan die in de buikholte.
• Zaadleiders: vervoeren zaadcellen.
• Zaadblaasjes: produceren basisch vocht dat de zaadcellen activeert.
• Prostaat: produceert vocht met voedingsstoffen voor de zaadcellen.
• Urinebuis: vervoert urine en sperma.
– Sperma bestaat uit zaadcellen met vocht uit de zaadblaasjes en uit de
prostaat.
• Penis: brengt sperma in een vagina in.
– Eikel: gevoelig voor seksuele prikkels.
– Voorhuid: huidplooi om de eikel.
– Zwellichamen: bevatten holten die zich met bloed kunnen vullen,waardoor
de penis in erectie komt.
Zoek de volgende begrippen op:
 Menstruatie
 Vruchtbare periode
 Masturbatie
 Ovulatie
 Bevruchtingsmembraan
 Besnijdenis
Voortplantingsorganen en
geslachtskenmerken van een man
•
geslachtskenmerken :
- primair = van bij de geboorte aanwezig (uitwendig : penis + balzak)
- secundair = puberteit
Besnijdenis
Delen van het voortplantingsstelsel van een vrouw met de functies:
• Eierstokken (ovaria): produceren eicellen, oestrogenen en progesteron.
– Bij de geboorte zijn in de eierstokken reeds alle cellen aanwezig die zich tot
eicel kunnen ontwikkelen.
– Eicellen ontwikkelen zich in follikels.
• Eileiders: vervoeren eicellen.
• Baarmoeder (uterus): hierin vindt de ontwikkeling van een embryo plaats.
– De baarmoeder heeft een dikke gespierde wand, die met slijmvlies is
bekleed.
• Vagina (schede):
– bij geslachtsgemeenschap (coïtus) komt hierin het sperma terecht;
– bij menstruatie wordt een deel van het baarmoederslijmvlies via de vagina
verwijderd;
– bij de geboorte komt het kind via de vagina ter wereld.
• Clitoris (kittelaar): gevoelig voor seksuele prikkels.
• Kleine schaamlippen: klieren kunnen slijm produceren, waardoor de toegang
tot de vagina glad wordt.
• Grote schaamlippen.
Voortplantingsorganen en
geslachtskenmerken van een vrouw
•
geslachtskenmerken:
- primair=van bij de geboorte aanwezig( uitwendig: schaamlippen
en schaamspleet)
- secundair = puberteit
grotere
gestalte
bredere schouders
hoekige
lichaamsbouw
sterkere
beharing
meer haar op
de schedel
rondere
lichaamsvormen
breder bekken
Waarschijnlijkheid vruchtbareperiode berekenen
Voorbeeld:
Laatste menstruatieperiode: 3 jan. t/m 7 jan.
Eerste dag laatste menst.period.: 3 jan.
Eerst volgende ovulatie: 3 jan. + 14 dgn = 17 jan
* ovulatie: 14 dagen na de eerste dag van de laatste
menst.period.
Vruchtbare periode: 14,15,16,17,18 jan.
*vruchtb. Period,: 3 dagen voor t/m 1 dag na de
ovulatie (omdat een zaadcel 3 dagen in het lichaam
van de vrouw kan leven; eicel blijft 12uren tot 24 uren
in leven na de ovulatie)
Enkele belangrijke begrippen:
 Een hormoonklier is een klier die hormonen afgeeft
•
•
•
•
aan het bloed.
Geslachtshormonen: stoffen die via het bloed de
werking van de voortplantingsorganen regelen.
De hypofyse is een hormoonklier die de hormonen FSH
en LH afgeeft aan het bloed.
Bij mannen: zaadcellen worden gevormd onder invloed
van FSH en testosteron.
– FSH heeft invloed op de vorming van zaadcellen.
– Testosteron wordt onder invloed van LH gevormd
in de interstitiele cellen en heeft invloed op de
ontwikkeling van zaadcellen.
De concentratie testosteron in het bloed wordt geregeld
door terugkoppeling.
De menstruatiecyclus
Uitleg m.b.v. boek blz. 114 & 115 ; afb 24, 25
•
menstruatie
de opbouw en afbraak van het baarmoederslijmvlies
!!! Afb. 24 en afb. 25 hormonale regeling en staat van
het baarmoederslijmvlies bij bevruchting en geenbevruchting
Voor een overzicht van de hormonen, klikken op de
Hyperlink hieronder:
..\..\Havo\Voortplanting en ontwikkeling\Overzicht hormonen.pdf
•
de zaadcel of spermatozoïde :
- gevormd in de testikels of teelballen
- 0,05 mm groot
- voortbeweging door
golvende bewegingen van
een staartje
- 300 tot 500 miljoen
per zaadlozing
- levensduur : 48 tot 72 uur
•
de eicel
- gevormd in de eierstokken
- 1 eicel om de 28 dagen
- 0,2 mm groot ( . )
- vanaf de puberteit tot de
leeftijd van 45 – 50 jaar
- wordt voortbewogen door fijne
trilhaartjes in de eileiderwand
- levensduur: 12 tot 24 uur
De bevruchting en innesteling in
de baarmoederwand
De bevruchting:
eicel en zaadcel ontmoeten elkaar en
versmelten
Voorbehoedsmiddelen:
Hoe werken ze?
SOA (SOI)
•
Gonorroe (druiper).
–
Ziekteverschijnselen: er komt slijm en etter uit de penis of
vagina en het urineren kan pijn doen.
–
Besmettingswijze: door bacteriën, via intiem lichamelijk
contact met een besmette persoon.
–
Genezingsmogelijkheden: door een tijdige behandeling met
penicilline.
• Syfilis.
–
Ziekteverschijnselen: aanvankelijk een zweertje aan de
geslachtsorganen, mond, tong of anus, in een later stadium
verlammingen en geestelijke achteruitgang.
–
Besmettingswijze: door bacteriën, via intiem lichamelijk
contact met een besmette persoon.
– Genezingsmogelijkheden: door een tijdige behandeling met
penicilline.
 Chlamydia.
–
Ziekteverschijnselen: vaak afwezig; soms een waterige
afscheiding uit de urinebuis of vagina, of bloedverlies uit de
vagina.
–
Besmettingswijze: door bacteriën, via intiem
lichamelijk contact met een besmette persoon.
–
Genezingsmogelijkheden: door behandeling met
penicilline.
• Aids: een aantasting van het afweersysteem tegen
ziekteverwekkers.
–
Ziekteverschijnselen: geen specifieke.
–
Besmettingswijze: door het aids-virus (HIV), via het
binnenkrijgen van bloed, sperma, vaginaal vocht, voorvocht
of moedermelk van een besmette persoon (vooral door
geslachtsgemeenschap of doordat meerdere druggebruikers
dezelfde spuiten of naalden gebruiken).
–
Genezingsmogelijkheden: geen.
Geboorteregeling
 Geboorteregeling
 Periodieke onthouding
 Coïtus interruptus
 De ‘pil’
 Condoom
 Sterilisatie
 Zaaddodende middelen (schuimtabletten,
spuitbussen, pasta’s
 Spiraaltje of ankertje
 Pessarium
Leg het verschil uit tussen kunstmatige
inseminatie en in vitro fertilisatie (ivf)
•
delende eicel:
2-cellig stadium
•
delende eicel
4-cellig stadium
•de delende eicel
krijgt
het uitzicht van
een
framboosachtig
bolletje
•
embryo:
- voor de 2
maanden
- nog geen
menselijke
vorm
herkenbaar
•
fœtus:
- na de 2 maanden
-duidelijke
menselijke
vorm herkenbaar
•
eeneiïge tweeling
1 eicel : 2 kinderen
- zelfde geslacht
- lijken sprekend
op elkaar
- 1 moederkoek
•
tweeeiïge tweeling:
2 eicellen : 2 kinderen
- 2 placenta’s
- kinderen lijken niet
sprekend op elkaar(vgl.
broer – zus)
- geslacht kan
verschillend
zijn
De ontwikkeling in de baarmoeder
•
de moederkoek of
placenta (uitwisseling stoffen
tussen het bloed van de moeder en het kind
vb.:voeding ,ademhaling ,uitscheiding…)
Ook schadelijke stoffen ! ! ! (alcohol,nicotine…)
•
de navelstreng ( hierin lopen bloedvaten die het embryo met de moeder verbinden ).
•
de vruchtblaas gevuld met
vruchtwater (bescherming tegen
schokken
en stoten)
 Afb. 48 op blz. 129 zelf bestuderen
 Basisstof 9 Levenscyclus van de mens zelf
doornemen.
Bevalling - geboorte
De verschillende fasen van geboorte of bevalling
De ontsluitingsfase
- weeën > baarmoederhals wordt wijder.
- vruchtvliezen scheuren > vruchtwater vloeit weg.
« breken van het water »
- geboorte is vlakbij,weeën nemen toe,moeder gaat nu
persen.
De uitdrijvingsfase
- de baby wordt door het geboortekanaal(vagina) naar
buiten geperst.
- de navelstreng wordt afgebonden en doorgeknipt.
De nageboorte
- de placenta,navelstreng en vruchtvliezen worden
uitgedreven.
Metamorfose
 Metamorfose = gedaanteverwisseling(blz. 164,165,
167) afb. 85 en afb. 86 en afb. 89)
 Volkomen metamorfose: larve lijkt niet op imago
 Onvolkomen metamorfose : larve lijkt wel op imago
 Jonge dier bij insecten heet larve
 Volwassen dier bij insecten heeft imago
Volkomen Metamorfose Vlinder
Onvolkomen Metamorfose Sprinkhaan
Metamorfose Kikker
 Bij metamorfose spelen hormonen een belangrijke
rol. Twee hormonen zijn het Juveniel hormoon en
Ecdyson
 Juveniel hormoon: onderdrukking metamorfose
 Ecdyson: stimuleert metamorfose
Vragen
?
Bedankt!!
Info:
www.ecoisonline.org
www.examenbundel.nl
www.biologiepagina.nl
www.asewsahai.com
asewsahai@yahoo.com

similar documents