Samenvatting HS 3

Report
Samenvatting

Leer naast het boek (incl. de begrippen) en de
powerpoints ook de landen en de hoofdsteden van
Zuidoost-Azië uit je hoofd











Brunei  Bandar Seri Begawan
Cambodja  Phnom Penh
Filippijnen  Manila
Indonesië  Jakarta
Laos  Vientiane
Maleisië  Kuala Lumpur
Myanmar Yangon
Oost-Timor  Dili
Singapore  Singapore
Thailand  Bangkok
Vietnam  Hanoi

De gevolgen van rampen zijn extra zwaar als ze
plaatsvinden in zogenaamde soft states, arme
landen met een zwak bestuur

Waarom?

Hoe gaat het nu in Japan?


Risicoperceptie:
Hoe groot acht men de risico’s  hoe vaak
komt het voor en hoe groot zal de schade zijn
Hazardmanagement  risico’s vooraf
beperken dmv.
- Risicoanalyse
- Voorzorgsmaatregelen
- Rampenplan

Grootschalige ontbossing
Slash and burn

Probeer zoveel mogelijk functies op te
schrijven

Bron van inkomsten via producten als hout, medicijnen, brandstof en
voedsel

Woonplaats van inheemse volken

Regulatie van de waterbalans, voorkomt overstromingen en droogten

Voorkomt landdegradatie (bodemerosie en het verdwijnen van de
vruchtbaarheid van de bodem)  zonder oerbos zijn tropische bodems
heel onvruchtbaar

Invloed op het klimaat, zowel regionaal als mondiaal

Habitat voor vele plant en diersoorten

Bron van educatie en van toerisme

Opslag van CO2

Wat is de hoofdreden?

Wie hebben er baat bij?

Hoofdoorzaak: De grond is meer waard met een ander
landgebruik dan bos, zoals akkerbouw of veeteelt.

Kleine (sedentaire) boeren gebruiken het regenwoud om
veeteelt te bedrijven

Grote ondernemingen verkopen tropisch hardhout 
commerciële houtkap

Grote ondernemingen exploiteren grote plantages (voor
voedsel of energie)

De aantasting van het bos is vaak illegaal, maar ook bijna
niet te controleren

Wat kun je er aan doen?

Duurzame bosbouw  waarbij het bos gebruikt
wordt, maar wel in stand gehouden kan worden

Certificering van verantwoord
bosbeheer (oa. FSC en PEFC)
 hierdoor betaalt de consument
voor het behoud van bossen

Het aanleggen van natuurgebieden

Steeds meer voedsel nodig

Steeds meer industrie

Meer landbouwgrond nodig en het huidige
landbouwareaal moet intensiever gebruikt worden

Meer vervuiling

Wat zijn de voordelen?

Wat zijn de nadelen?
 Wat is de eerste groene revolutie?
 Wat is het positieve gevolg?
 Wat is een belangrijk negatief gevolg?
 Wat heeft dat met mondialisering te
maken?
 Wat is de tweede groene revolutie?

Agrarische involutie: Stagnatie in de landbouw,
hetzelfde werk wordt door meer mensen gedaan

Urbane involutie: Er ontstaan
allerlei kleine baantjes in de
informele sector die niet
noodzakelijk zijn

Verborgen werkloosheid

In ontwikkelingslanden trekken zeer veel
mensen naar de grote steden om werk te
zoeken

Deels vinden deze mensen werk

Het overgrote deel van de mensen werkt in
de informele sector

Veel steden kunnen de explosieve groei van de bevolking
niet aan

Er is te weinig werk en er is te weinig woonruimte 
hierdoor is er slumvorming, mensen bouwen zelf een huisje
op grond dat meestal niet van hen zelf is

Wat doen regeringen meestal tegen
slumvorming?

De hele regio Zuidoost-Azië heeft een snelle
economische groei doorgemaakt in de jaren 80 en 90
van de vorige eeuw

De economie van de meeste landen in de regio groeit
nog altijd

Er zijn grote verschillen tussen de rijkere landen:
Singapore, Maleisië, Thailand, Brunei, de Filippijnen in
Indonesië en de armere landen Vietnam, Cambodja,
Laos en Myanmar

Waarom zijn er vier landen achter gebleven?

Afroming:
het beste wordt weggenomen uit een gebied ten
behoeve van een ander gebied
-
Braindrain 
de hooggeschoolde mensen trekken weg
Cirkelmigratie 
niet permanente arbeidsmigratie, heen en weer
trekken tussen het thuisland en het land waar
gewerkt wordt
-

Hoe minder open de staatsvorm, hoe beter
de etnische minderheid zich aanpast 
mensen worden gedwongen zich aan te
passen

Wat is het verschil tussen integratie en
assimilatie?

Waarom willen sommige etnische
minderheden zo graag regionale autonomie,
terwijl andere groepen zich wel stil houden?
Voorkomen van seperatisme 
nation building,
indoctrinatie en voordelen voor
mensen die geassimileerd zijn
of willen assimileren
Of … (vijf mogelijkheden)
1. Verzet met geweld de kop indrukken
2. Autonomie toestaan
3. Federale staatsvorm kiezen
4. Onafhankelijkheid toestaan
5. Kolonisten sturen

Zuidoost Azië heeft veel moslims, vooral in Indonesië

Moslims zijn deels gematigd, deels fundamentalistisch (ze
volgen de Koran letterlijk)
Moslimfundamentalisten willen vaak islamitische wetgeving,
de Sharia


Kan leiden tot terrorisme

Belangrijkste terroristische
organisatie is Al Qaida ‫القاعدة‬
Verklaren, uitleggen en beredeneren

1
2
Verklaarvragen hebben twee delen:
Situatiebeschrijving
Algemene regel

Geef een sociaal geografische verklaring voor
de immigratie van Polen in Nederland

In Polen is weinig werk en zijn de lonen laag,
terwijl er in Nederland veel werk is en de
lonen juist hoog zijn. (situatie)
Veel mensen emigreren naar landen waar ze
het economisch beter kunnen hebben
(algemene regel)


1
2
‘Leg uit’ -vragen hebben ook twee delen
Oorzaak
Gevolg

Leg uit dat het treinverkeer vaak stil komt te
liggen bij extreme kou

Door de kou bevriezen de wissels (oorzaak)
Als de wissels bevroren zijn kunnen de
treinen niet rijden (gevolg)


1
2
Verrassing, beredeneervragen bestaan ook
uit twee delen
Vergelijken van of
Het geven van redenen voor
Conclusie

Beredeneer dat het sturen van Chinese kolonisten naar Tibet
er voor zorgt dat de onafhankelijkheid van Tibet moeilijker
gerealiseerd kan worden.

Door de kolonisten zal de autochtone bevolking in de
minderheid komen. De Chinese cultuur zal steeds meer terug
te vinden zijn in het gebied. Bovendien zal China steeds
minder snel geneigd zijn het gebied terug te geven vanwege
de eigen bevolking die in die regio woont. (redenen)
Het sturen van Chinese kolonisten zal er dus voor zorgen dat
de autochtone bevolking van Tibet steeds minder macht
heeft, waardoor onafhankelijkheid verder weg komt te
liggen. (conclusie)


Warm zeewater ten westen van ZuidAmerika, sommige jaren in januari
Gevolgen:
- Minder vis
- Meer regen en stormen
- Ten westen van de Grote Oceaan droogte


similar documents