neonicotinoïden

Report
studiemiddag
3 maart 2013
NBV Hulst en omstreken
neonicotinoïden
gewasbeschermingsmiddelen
en
bijen-sterfte
neonicotinoïden
1 wat zijn neonicotinoïden?
systemische
gewasbeschermingsmiddelen
systemisch: het woord zegt het al > het middel wordt opgenomen in het
systeem van de plant, dus van de wortels tot de bladeren.
neonicotinoïden werken antagonistisch (bind aan zenuw-) receptoren
(acetylcholine receptoren, neurotransmitters) van het centrale zenuwstelsel van
de insecten. Ze blokkeren de overdracht van zenuwimpulsen, waardoor de
insecten stoppen met eten, verlamd raken en uiteindelijk sterven door
verhongering, uitdroging of doordat ze ten prooi vallen aan andere dieren.
Deze groep van insecticiden kan ook schadeveroorzakers bestrijden die
resistent zijn tegen conventionele insecticiden
Neonicotinoïden zijn zeer effectief tegen bladluis en witte vlieg
neonicotinoïden
2 wat zijn neonicotinoïden?
systemische
gewasbeschermingsmiddelen
systemisch:
het woord zegt het al > het middel wordt opgenomen in
het systeem van de plant,
neonicotinoïden werken antagonistisch (bind aan zenuw-) receptoren
(acetylcholine receptoren, neurotransmitters) van het centrale zenuwstelsel van
de insecten. Ze blokkeren de overdracht van zenuwimpulsen, waardoor de
insecten stoppen met eten, verlamd raken en uiteindelijk sterven door
verhongering, uitdroging of doordat ze ten prooi vallen aan andere dieren.
Deze groep van insecticiden kan ook schadeveroorzakers bestrijden die
resistent zijn tegen conventionele insecticiden
Neonicotinoïden zijn zeer effectief tegen bladluis en witte vlieg
neonicotinoïden
3 wat zijn neonicotinoïden?
neonicotinoïden
4 wat zijn neonicotinoïden?
o
Een veel gebruikte indeling is die naar gewasbeschermingsmiddelengroep:
o
o
o
o
o
o
o
o
o
o
o
insecticiden (tegen insecten) > nieuwe soort = neonicotinoïden
herbiciden (tegen onkruiden)
fungiciden (tegen schimmels)
nematiciden (tegen aaltjes)
algiciden (tegen algen)
acariciden (tegen mijten)
molluciden (tegen weekdieren)
bactericiden (tegen bacteriën)
viruciden (tegen virussen)
fumigantia(gassen tegen knaagdieren
rodenticiden (tegen knaagdieren) worden gerekend tot de
biociden
neonicotinoïden
hoe werkt het?
o
o
o
o
het zaad wordt behandeld met een
beschermingsmiddel tegen bijvoorbeeld vraat
het gewas neemt gif op in de sapstroom en
maakt plant van binnen uit giftig
tijdens de groei van de plant verspreidt het zich in
alle planten delen
of het wordt gesproeid/gespoten, zoals bij
imidacloprid, op onder andere appelbomen,
tomaten, tabak, hop en sierplanten, of het wordt
ook gebruikt om zaaizaad van onder meer
suikerbieten te beschermen
neonicotinoïden
Imidacloprid is een veelgebruikt insecticide. Het is een
neonicotinoïden uit de nitroguanidine-groep (andere leden
van deze groep zijn bijvoorbeeld clothianidine en thiacloprid).
Imidacloprid
Het werd in de 1991 ontwikkeld professor Shinzo Kagabu.
Bekend onder de namen: Admire, Confidor, Belem, Gaucho,
Provado, Premise en Gardiflor van Bayer. Andere bedrijven
gerbuiken namen als Sombrero, Bazooka, Kohinor en Warrant
C9H10ClN5O2
Imidacloprid is een systemisch insecticide, dat zowel werkt via contact en via ingestie/opname door
zuigende of blad etende insecten. Imidacloprid is een van de meest gebruikte insecticiden:
Admire is wereldwijd het meest gebruikte insecticide. In 2007 verkocht Bayer voor 556 miljoen euro
imidacloprid.
Imidacloprid kan ook gebruikt worden om honden en katten te vrijwaren van vlooien:
(merknaam: Advantix van Bayer).[4]
In gel-vorm wordt het tevens toegepast ter bestrijding van onder andere kakkerlakken:
het over-stimuleert het zenuwstelsel, waarna het dier eerst enorm actief wordt en vervolgens aan de
gevolgen daarvan sterft.
neonicotinoïden
waarom wordt het gebruikt?
ecologische
footprint
Het gebruik van systemische gewasbeschermingsmiddelen
draagt bij tot hogere opbrengsten, minder schade en
betere prijs. Het afzien van gewasbestrijdingsmiddelen zal
betekenen dat tot 50% minder opbrengst wordt gehaald
en daardoor zal meer land moeten worden bewerkt.
Belagers kunnen de plant makkelijk verwoesten en enorme
hoeveelheden natuurlijke bronnen (water, grond,
voedingsstoffen), energie en arbeid verspillen.
Het reduceert of elimineert zelfs het aantal
insecticidesprays die nodig zijn tijdens het groeiseizoen
neonicotinoïden
hoe is toelating geregeld?
EFSA
Ctgb
European and Mediterranean Plant Protection Organization PP 3/10
(3)
Organisation Européenne et Méditerranéenne pour la Protection
des Plantes
Environmental risk assessment scheme for plant protection products
Système pour l’evaluation du risque des produits phytosanitaires
pour l’environnement
Chapter 10: honeybees
European Food Safety Authority
College voor de toelating van gewasbechermingsmiddelen en
biociden: zie college Jacoba van Wassenberg
Werkgroep waarin: NBV (oa voorzitter), NVWA (secretaris), Ctgb,
Nefyto, DLV-plant, [email protected], Artemis, Vlinderstichting
neonicotinoïden
waarom is er zoveel aandacht?
Industrie
versus
Onderzoek
De bewijsvoering voor de werkzaamheid op schadelijkheid en het ontbreken van
schadelijke werking op overigen, ligt geheel bij de aanvrager, i.e. de industrie
De aanvrager betaalt voor de contrôle op het aangeleverde bewijsmateriaal (data
toelevering)
De overheid beperkt zich tot stellen van regels en eisen.
De controlerende instanties ontdekken dat er meer studie nodig is dan tot nu is
gevraagd
Afstemming binnen Europa
Verschillende wetenschappers vragen aandacht voor de gevolgen van gebruik van
neonicotinoïden:
Invloed op mens en dier, afbraak toxiciteit
Stapeling in milieu, water belasting
Stapeling in mens en dier
neonicotinoïden
hoe neemt de bij deze stoffen op?
opname
via contact met behandeld gewas:
door
Stuifmeel (uitgestelde consumptie!, opslag in kast); Nectar (uitgestelde
consumptie!, honing); Extra floraal nectar; Honingdauw (van luizen);
Guttatie (uitscheiding plantensap); Dauw/regen (waterdruppels op
plant); Zoete gewasresten (suikerbiet)
de
via systemische opname door wilde planten op behandelde percelen;
via systemische opname van oppervlakte water door bomen/struiken;
bij
Drift via spuiten, zaaistof naar bloeiende percelen;
Fourageren op vervuild water, residu in voer (invertsuiker/suikerdeeg)
Voorbeeld:
bijen verzamelen honingdauw die uitgescheiden wordt door luizen
neonicotinoïden
1 wat zijn de effecten op de bij?
Subletale effecten van imidacloprid

Verminderd fourageergedrag / navigatie / lagere productie

Verstoorde taakdifferentiatie in het volk

Verminderd hygiënisch gedrag

Sociale immuniteit > Het ontsmettende enzym glucose-oxidase was door die
samenwerking minder actief, wat leidt tot minder steriel broed en voedsel.

Beïnvloedt negatief het waarnemen van geuren door bijen.

Fipronil en imidacloprid hebben niet alleen een negatieve invloed op het
waarnemen, maar ook op het leren

lagere productie van nakomelingen heeft een verstorend effect op het
broed en jonge bijen, waardoor in dat volk in toenemende mate minder
bijen volwassen worden. Dit is erger dan het verlies van haalbijen. Haalbijen
kunnen versneld worden vervangen; broed en jonge bijen niet.
neonicotinoïden
2 wat zijn de effecten op de bij?
o
Bijen mijden bloemen van gewassen behandeld met imidacloprid;
zij komen in sommige gevallen zelfs hun kast niet uit.
o
Van imidacloprid is bekend dat het in geringe doseringen (10 - 20
nanogram (10-9 g) per bij, de mobiliteit van bijen nadelig
beïnvloedt en dat bijen na terugkeer van een foerageertrip minder
vaak de kwispeldans uitvoeren
o
Verminderd immuun systeem
o
Vertraagde ontwikkeling van larven
o
etc.
neonicotinoïden
3 wat zijn de effecten op de bij?

Verminderd foerageergedrag zou merkbaar moeten zijn aan achterblijven van de
ontwikkeling van broed en van het volk als geheel tijdens het groeiseizoen.

Toch kan in de praktijk niet worden vastgesteld dat het slechter gaat met volken
die vliegen op zonnebloemen of maïs waarvan het zaaizaad is behandeld met
een neonicotinoïde, zoals imidacloprid of clothanidine en waarvan het stuifmeel
residuen bevat van deze middelen.

Daar draagt aan bij dat imidacloprid in het bijenlichaam vrij snel wordt
afgebroken; dat geldt ook voor de afbraakproducten van imidacloprid

In proeven was na 20 minuten al 30% van een begindosis van respectievelijk 20 en
50 μg per kg bijen niet meer aantoonbaar

Dat maakt dat dergelijke subletale doses al na een paar uur onschadelijk zijn
geworden. Imidacloprid en de afbraakproducten daarvan blijken na 6 uur (20
ppb), respectievelijk na 24 uur (50 ppb), niet meer aantoonbaar in het
bijenlichaam.
neonicotinoïden
meer gegevens
o
o
o
o
o
o
Mais gecoat met imidacloprid:
Er wordt 75 gram imidacloprid / ha mais gebruikt
100000 zaden per ha
0.00075 gram imidacloprid/zaad
3.7 nanogram is dodelijk voor een bij
202702 dodelijke doses per maiszaadje
o Risico in het veld hoog: PEC/PNEC >> 1
o Wederzijds versterkende werking met andere pesticiden
o Wederzijds versterkende werking met ziekteverwekkers (Nosema,
DWV)
neonicotinoïden
meer gegevens
o 1 volume eenheid DDT : 1 volume eenheid imidacloprid = 1 : 7297
o Half waarde tijd in de grond: 40 – 997 dagen
neonicotinoïden
meer gegevens
Toelatingen imidacloprid in Nederland
1994: bloemisterijgewassen (onder glas) , zaden van suiker- en voederbieten
1995: snijmaïs en korrelmaïs (zaaizaadbehandeling)
1996: pootaardappelen (grondbehandeling bij het poten)
1999: sierplanten in potten en bakken
2000: planten op terras en balkon
2002: zaden van sla
2004: appels , peren (2 keer per seizoen), aubergine, augurk, courgette, komkommer, tomaat en
paprika (teelt onder glas),
lelie (gewas- en dompelbehandeling), bloemisterijgewassen
(vollegrond), boomkwekerijgewassen en vaste planten
o 2007: Radicchio rosso, groenlof, andijvie, sluitkool, spruitkool, boerenkool, bloemkool, zaadprei en
prei (zaadbehandeling inclusief dummy pil), onbedekte teelt van hop en in de pennenteelt van
witlof, bedekte teelt van Spaanse peper en paprika, bedekte teelt van gerbera, chrysant, teelt van
bloembol- en bloemknolgewassen, bolbloem- en knolbloemgewassen
o 2007: “blanco cheque”: alle zaaizaden (zonder enige beperking) zolang bedoeld voor de export
o 2010: gras (golfbanen, sportvelden, etc)
o
o
o
o
o
o
o
Bron: Databank College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (Ctgb),
Wageningen
neonicotinoïden
PPP, ofwel de 3 P’s
Bovenstaande samenvatting van de huidige stand van de
wetenschap en de ervaringen met neonicotinoïden kan niet
verklaren dat neonicotinoïden de bron zijn voor sterke
achteruitgang van de vitaliteit van bijenvolken in Nederland.
Ook het te kort aan voldoende gevarieerd stuifmeel en het
onvoldoende terugdringen van ziekten zoals Varroa mijt, zijn
oorzaken van sterke achteruitgang van bijenvolken.
PPP = Pollen + Pathogenen + Pesticiden, in samenhang mag
worden aangezien voor de zo “in de pers” zijnde bijensterfte
neonicotinoïden
presentatie Jeroen van der Sluis
Beste Marcel,
Er zijn juist veel studies die aantonen dat blootstelling aan lage (niet
dodelijke) dosis neonicotinoden de vatbaarheid van bijen voor
bijenziekten sterk verhoogt:
ttp://www.bijensterfte.nl/nl/node/475
http://www.bijensterfte.nl/nl/node/503
http://www.bijensterfte.nl/nl/node/500
http://www.bijensterfte.nl/nl/node/494
http://www.bijensterfte.nl/nl/node/52
en kijk ook eens hier:
http://www.buzzaboutbees.net/neonicotinoids-and-varroa-mite.html
http://www.bijensterfte.nl/sites/default/files/NL_EEA_2013_Late_Lessen_B
ijenhoofdstuk.pdf
neonicotinoïden
Q&A
vragen en antwoorden
waarom wordt er geen aandacht besteed aan
de bedrijfsmethode?
wat is de relatie tussen de P van pathogenen
en neonicotinoïden?

similar documents