140912_esf_-_sectoranalyse_mobiliteit_v1.0

Report
Maatwerkdecreet in uitvoering
Sectoranalyse Mobiliteit
September 2014
© 2014 Deloitte Belgium
Doel van de sectoranalyse
•
Het doel van deze sectoranalyse is om een generiek overzicht geven van
de mobiliteit sector, incl. evolutie van de sector, algemene trends,
groeipotentieel, waardeketen, belangrijke spelers
•
Concreet zal er binnen deze sectoranalyse worden gefocust op de
wisselwerking tussen de Sociale Economie en de mobiliteit sector. Een
antwoord op de volgende vragen zal geformuleerd worden:
- Waar in de waardeketen zit er potentieel voor maatwerkbedrijven?
- Hoe kunnen potentiële activiteiten georganiseerd worden?
- Welke spelers kunnen partners zijn?
- Welke bedrijven zijn actief in de sector (concrete aanknopingspunten)?
- Bestaan er voorbeelden van samenwerkingen tussen sociale economie en
deze sector?
© 2014 Deloitte Belgium
2
Inhoudsopgave
Sectoroverzicht
4
Kerncijfers
4
Volumeontwikkeling en modale verdeling in personenmobiliteit
5
Volumeontwikkeling en modale verdeling in goederenmobiliteit
7
Resultaten mobiliteitsenquête
8
Personenmobiliteit in kaart gebracht…
10
Uitdagingen voor de mobiliteitssector
11
Verschillende alternatieven voor het aangaan van de uitdagingen
12
Waardeketen
16
Potentieel voor sociale economie in mobiliteitssector
20
Categorisatie sectoractiviteiten
20
Fietsen: Assemblage, onderhoud, recyclage, verhuur
22
Auto: Auto-onderhoud, (sociaal) vervoer
23
© 2014 Deloitte Belgium
Sectoroverzicht
Kerncijfers
Personenmobiliteit
De laatste tien jaar is de
personenmobiliteit met 14%
toegenomen. Op jaarbasis legden we
in 2010 met zijn allen ongeveer 81
miljard (personen) kilometers af.
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen,
Mobiliteitsverslag (2012 – 2013), Pact 2020,
Pendelplan, Masterplan 2020
Auto als vervoermiddel
Voertuigkilometers
Het Federaal Planbureau
voorspelt een stijging van
het aantal voertuigkilometer
over de weg van ruim 47%
tegen 2030 in vergelijking
met 2005.
Verplaatsingen per dag
Een Vlaming maakt
gemiddeld 3 verplaatsingen
per dag (vooral in functie van
het werk, om te winkelen of
om zich te ontspannen). Dit
cijfer is de voorbije jaren
nagenoeg stabiel gebleven,
net zoals de gemiddelde
afstand per verplaatsing
(ongeveer 13 km).
© 2014 Deloitte Belgium
14%
47%
60%
3
10%
De laatste tien jaar is de
manier waarop we ons
verplaatsen nauwelijks
gewijzigd. Ongeveer 60% van
de verplaatsingen (en 65% van
onze verplaatsingskilometers
gebeurt met de auto. Ook in
het goederenvervoer kiezen
we vaak voor de auto (80%).
Filezwaarte
25%
Goederenmobiliteit
De laatste tien jaar is de
geoderenmobiliteit met 25%
toegenomen. In 2010 was de
goederenmobiliteit goed voor
bijna 45 miljard tonkilometer.
De laatste vijf jaar nam de
filezwaarte met 10% per jaar
toe. Niet alleen auto’s en
vrachtwagens, maar ook
trams en bussen raken vast
in het verkeer en zitten
tijdens de piekuren overvol,
net als de treinen.
4
Sectoroverzicht
Volumeontwikkeling en modale verdeling in
personenmobiliteit (1/2)
“Fig. 1: Ontwikkeling van de personenkilometers afgelegd door personenauto’s,
per autobus/autocar en per trein (index 1990)”
“Fig. 2: Ontwikkeling van de personenkilometers afgelegd door
motoren en lichte vrachtwagens (index 1990)”
•
“De personenmobiliteit (personenkilometers) is de laatste tien jaar 2000 –
2010 met 14% toegenomen. De gemiddelde jaarlijkse groei bedroef 1,3%.
De laatste jaren zwakte deze groei enigszins af.”
•
“Het aantal personenkilometers afgelegd door lichte vrachtwagens kende in
de periode 2000 - 2010 bijna een verdubbeling (+89% met een jaarlijks
gemiddelde groei van 6,6%). Sinds 2005 vlakt de groei af.”
•
“Het merendeel van de personenkilometers wordt afgelegd door
personenauto’s. Een opmerkelijke trend is de afzwakking van de
gemiddelde jaarlijkse groei.”
•
Het aantal personenkilometers afgelegd met motoren nam in de periode
2000 – 2010 toe met 17%. De groei was het sterkst in de jaren negentig
(+218% in de periode tussen 1990 en 2000).
•
“Het aantal personenkilometers per trein nam in de periode 2000-2010
sterk toe (+43%) met een gemiddelde groei van 3,6%.”
•
“Het aantal personenkilometers afgelegd met autobus en autocar nam in
de periode 2000 – 2010 toe met 37%. Het aandeel van het stads- en
streekvervoer (De Lijn) is doorheen de jaren sterk toegenomen (van 38% in
1995 tot 56% in 2010).”
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen
5
Sectoroverzicht
Volumeontwikkeling en modale verdeling in
personenmobiliteit (2/2)
Tabel 1. “Modale verdeling van de persoonskilometers”
“Fig. 3: Ontwikkelingen van de modale verdeling van de
personenkilometers”
•
“Het merendeel van de personenkilometers wordt nog steeds afgelegd met
individuele vervoersvormen.”
•
“Personenauto’s blijven hierbij veruit het belangrijkste vervoersmiddel. Wel
is hun aandeel in de persoonskilometers gedaald van 83% in 1990 en 81%
in 2000 tot 76% in 2010.”
•
“Lichte vrachtwagens (o.a. bestelwagens) hebben een aandeel (2010) van
4%. Hun aandeel verdubbelde de laatste tien jaar.”
•
“Het aandeel van de motoren in de personenkilometers blijft, ondanks de
sterke groei, beperkt tot 1% van de personenkilometers.”
© 2014 Deloitte Belgium
•
“De autobus- en autocar hebben een aandeel van 11%. Dit aandeel is
sinds 1990 met 2% toegenomen vooral door de sterke groei van de
personenkilometers bij het stads- en streekvervoer.”
•
“De trein is goed voor 8% van de personenkilometers. Ook hier zien we
sinds 1990 een toename van het aandeel met 2%.”
•
“Wanneer bij de berekening van de modale verdeling rekening wordt
gehouden met het aantal personenkilometers per fiets en te voet dan
bedraagt het aandeel van de meer duurzame vervoermiddelen in de
totaliteit van de personenkilometers ongeveer 25%.”
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen
6
Sectoroverzicht
Volumeontwikkeling en modale verdeling in
goederenmobiliteit
“Fig. 4: Relatieve ontwikkelingen van het aantal tonkilometers (index 1990)”
•
“Het vrachtvervoer via de weg nam in de periode 2000 – 2010 toe met 33%
en kende in deze periode een gemiddelde jaarlijkse groei van 2,9%. Als
gevolg van de economische crisis viel het wegvervoer in 2008 sterk terug.”
•
“Bij de binnenvaart werd in de periode 2000 – 2010 een groei genoteerd
van 9%. Sinds 2005 stagneert de groei bij de binnenvaart. Ook hier zien we
als gevolg van de economische crisis in 2009 een daling van de trafiek met
15%.”
•
“Het goederenvervoer via het spoor kent, in tegenstelling tot de andere
modi, een beperkte groei. In de periode 2000 – 2010 zien we een terugval
van de trafiek met 22%.”
© 2014 Deloitte Belgium
“Fig. 5: Modale verdeling (tonkilometers”
•
“Het vrachtvervoer via de weg is (met een aandeel van meer dan 80%) de
belangrijkste modus.”
•
“Het aandeel van de binnenvaart schommelt tussen 10% en 11%.”
•
“Het aandeel van het spoorvervoer in de modale verdeling bedraagt 6% à
7%.”
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen
7
Sectoroverzicht
Resultaten mobiliteitsenquête (1/2)
“Om de fundamentele keuzes van het Mobiliteitsplan Vlaanderen mee richting te geven, werd in 2011,
nog vóór de opmaak van het Mobiliteitsplan Vlaanderen, een enquête georganiseerd over de keuzes die
voorlagen. Ongeveer 13000 Vlamingen gaven hun mening. Hieronder een overzicht van de belangrijkste
enquêteresultaten.”
“Zo goed als alle geënquêteerden kunnen zich verzoenen met:
• voetgangers moeten zich veilig en comfortabel kunnen verplaatsen
(92%).
• belangrijke plaatsen moeten bereikbaar zijn met het openbaar
vervoer en de fiets (88%).
• mensen die zich moeilijk kunnen verplaatsen, moeten gebruik
kunnen maken van het openbaar vervoer (87%).
• verplaatsingen moeten betaalbaar zijn voor iedereen (87%).
“Deze maatregelen om files aan te pakken kwamen uit de
enquête van 2011 naar voren als de vier populairste:
• Correcte informatie verspreiden zodat men zijn route, vertrektijd
en vervoermiddel kan aanpassen aan de verkeerssituatie.
• Carpooling.
• Flexibeler omgaan met de tijd, zodat het verkeer meer over de tijd
gespreid wordt.
• Nieuwe technologieën om verplaatsingen uit te sparen of om
verkeersstromen vlotter te laten verlopen.”
• het aantal doden en zwaargewonden in het verkeer moet afnemen
(87%).”
“Voor de volgende maatregelen bestaat dan weer veel minder
draagvlak.
• 47% wil niet dat het auto- en vrachtverkeer tijdens de spits
duurder wordt gemaakt. Bij de automobilisten loopt dat op tot
57%.
• 36% wil niet dat de capaciteit van de wegen wordt vergroot door
bijkomende rijstroken of nieuwe wegen. Bij de automobilisten is
dat 19%.
• 23% is er geen voorstander van dat mensen worden
aangemoedigd
© 2014
Deloitte Belgiumom dichter bij het werk te gaan wonen.”
“De enquête van 2011 peilde onder meer naar wat burgers het
belangrijkst vinden als ze zich verplaatsen.
• Veiligheid kwam als hoofdbekommernis uit de bus (bijna 25%).
• Op de tweede plaatse staat snelheid, met 18%.
• Op drie staat ‘op om het even welk ogenblik kunnen vertrekken’,
met 12%.”
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen
8
Sectoroverzicht
Resultaten mobiliteitsenquête (2/2)
“Mensen met een verminderde mobiliteit willen zich vooral
kunnen verplaatsen:
“Favoriete maatregelen om het openbaar vervoer, fietsen of te
voet gaan te stimuleren om ons verkeer duurzamer te maken:
• op een veilige manier,
De toppers om het openbaar vervoer te stimuleren:
• zonder hulp van derden,
• een verbeterde stiptheid,
• snel.
• betere aansluitingen tussen trein/bus/tram,
• voldoende zitplaatsen,
Mensen met een beperkte mobiliteit hechten meer dan anderen
• haltes die te voet goed bereikbaar zijn.
belang aan een beter wachtcomfort in het openbaar vervoer en aan
De top-drie om het fietsgebruik te stimuleren:
meer openbaar vervoer overdag.”
• (met voorsprong:) fietspaden in goede staat,
• veilige fietspaden,
• beveiligde fietsenstallingen in steden, aan stations en bushaltes.”
“Vooral automobilisten zijn minder te vinden voor
maatregelen die:
• een verbod of een beperking inhouden (alleen milieuvriendelijke
voertuigen in stadscentra),
• de kostprijs verhogen (voertuigen die meer vervuilen duurder
maken).”
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen
9
Sectoroverzicht
Personenmobiliteit in kaart gebracht…
Bron: Mobiliteitsverslag 2012
© 2014 Deloitte Belgium
10
Sectoroverzicht
Uitdagingen voor de mobiliteitssector
De mobiliteitssector wordt
met vele uitdagingen
geconfronteerd
Milieu-verontreiniging:
Energieschaarste:
Kostprijs:
Verdere inspanningen
blijven nodig om de
negatieve impact (geluid, fijn
stof, emissies) van het
verkeer op mens, natuur en
milieu verder te beperken.
Dit staat onder meer ook in
de doelstellingen die Europa
oplegt.
Fossiele brandstoffen
worden steeds schaarser.
Evolutie naar alternatieve
energiebronnen is
noodzakelijk.
In het licht van de
recentelijke financiële crisis
is het financiële aspect van
mobiliteit de laatste jaren
belangrijker geworden. Er
wordt steeds meer op zoek
gegaan naar goedkopere
alternatieven.
Onveiligheid:
Onderhoudsproblemen van
netwerken:
Inefficiënt ruimtegebruik:
In vergelijking met andere
Europese landen heeft
België nog een hele weg af
te leggen op het vlak van
verkeersslachtoffers. Vooral
fietsers, voetgangers,
motorrijders en ouderen
blijven kwetsbare groepen.
Onbereikbaarheid:
Speciale aandacht voor
mensen die minder mobiel
zijn en voor kwetsbare
verkeersdeelnemers is
nodig (deze uitdaging wordt
met de toenemende
vergrijzing steeds groter).
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen,
Mobiliteitsverslag (2012 – 2013), Pact
2020, Pendelplan, Masterplan 2020
Onderhoudsproblemen
maken dat verschillende
netwerken niet alleen aan
robuustheid inboeten maar
ook aan comfort en
veiligheid.
Weinig samenhangende
netwerken:
Ondanks de inspanningen
om de verschillende
netwerken fysiek beter te
verknopen zijn ze nog
weinig samenhangend. Doel
is om te komen tot een
samenhangend
transportsysteem dat de
comodaliteit ondersteunt.
Het individueel gebruik van
vervoersmiddelen en het
ontbreken van comodaliteit
leidt tot een inefficiënt
ruimtegebruik wat vooral in
stedelijke centra de
leefbaarheid belemmert.
Congestie:
Verschillende verkeers- en
vervoersnetwerken worden
op sommige momenten
overbelast
11
Sectoroverzicht
Verschillende alternatieven voor het aangaan van
de uitdagingen
Beleid
Economie
Technologie
• Mobiliteitsplan
• Proefproject mobiliteitsbudget
• Elektrische voertuigen
• Pendelfonds (subsidies voor
duurzaam woon-werk verkeer)
• Gedeelde mobiliteit
• Technologie voor het faciliteren van
andere oplossingen:
• Pact 2020
- GPS navigatie
• STOP – principe (Stappen, Trappen,
Openbaar Vervoer en Privé-Vervoer)
- Smartphone-technologie
- Sociale netwerken
• Slimme kilometerheffing en
wegenvignet
Bron: Mobiliteitsplan Vlaanderen, Mobiliteitsverslag (2012 – 2013), Pact 2020, Pendelplan, Masterplan 2020
© 2014 Deloitte Belgium
12
Sectoroverzicht
Pendelfonds
Context
“Het pendelfonds is door de Vlaamse overheid opgericht om projecten voor duurzaam woon-werkverkeer te bevorderen.
Tegen 2020 moet het aandeel van de auto in het woon-werkverkeer van een kleine 70 procent naar 60 procent dalen. Het
streefcijfer voor het aantal verplaatsingen met de fiets en het openbaar vervoer ligt op 40 procent.”
“Het Pendelfonds subsidieert projecten die het aantal autoverplaatsingen in het woon-werkverkeer willen verminderen. Op
regelmatige tijdstippen wordt er een oproep tot het indienen van aanvragen gelanceerd.”
Opgeleverde resultaten
•
•
•
De behaalde resultaten van het Pendelfonds zijn nog niet bekend.
Het Pendelplan dat als doelstelling had om het aandeel auto's in het woon-werkverkeer al in 2010
terug te brengen van 70% naar 60% en het aandeel van het openbaar vervoer en de fiets in het
pendelverkeer te laten stijgen naar minstens 20%, faalde.
Woon-werktrips gebeuren in eerste instantie nog steeds met de auto (72,4%) en in mindere mate
met de fiets (10,8%) of het openbaar vervoer (9,5%).
Bron: Pendelplan, Pact 2020, Vlaanderen.be, Mobiliteitsverslag 2013
© 2014 Deloitte Belgium
13
Sectoroverzicht
Proefproject mobiliteitsbudget
Context
“Het Mobiliteitsbudget is een alternatief voor, of aanvulling op, de bedrijfswagen. De werknemer krijgt een bepaald budget
dat hij kan spenderen aan het meest geschikte vervoermiddel. Het Mobiliteitsbudget moet mensen aanzetten om minder
vaak de (bedrijfs)wagen te gebruiken voor hun woon-werkverkeer.”
Opgeleverde resultaten
“Een proefproject bij vijf bedrijven leverde de volgende resultaten op:
• Voor het proefproject deden de werknemers 80% van hun woon-werkverplaatsingen met de auto.
Tijdens en na het proefproject was dat nog slechts 50%.
• Het aandeel verplaatsingen met de fiets steeg van 10% naar 22%, het aandeel met de trein van
8% naar 24% en het aandeel bus, tram en metro van 0% naar 4%.
• Na het proefproject verplaatste nog maar 35% zicht graag met de auto, voor het proefproject was
dat 58%.”
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Vlaanderen in actie Pact 2020, Mobiel21
14
Sectoroverzicht
Gedeelde mobiliteit
Context
• “Gedeelde mobiliteitsdiensten positioneren zicht tussen het private bezit van vervoersmiddelen enerzijds en collectief
openbaar vervoer anderzijds.”
• “Tussen openbaar collectief vervoer en individueel privaat vervoer zit een hele gradatie van gedeelde vervoersmodi die
verschillen in organisatie en gebruik.
− Taxi, autodelen, fietsdelen: publiek toegankelijk, maar meestal individueel gebruik;
− Carpooling, autocar voor groepsuitstap: niet publiek toegankelijk, maar collectief gebruik;
− Belbus: vraagafhankelijke transport.”
Opgeleverde resultaten
•
“Gedeelde mobiliteit past in een duurzaam vervoersbeleid omdat het bijdraagt tot een zuiniger
ruimtegebruik en leidt naar multimodaliteit en modal shift. Bovendien verhoogt gedeelde mobiliteit
het gebruik van milieuvriendelijke voertuigen en kunnen door het delen van vervoersmodi de
financiële en maatschappelijke kosten verbonden aan transport verminderd worden.”
•
Bovendien “versterkt gedeelde mobiliteit klassiek openbaar vervoer”.
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Mobiliteitsverslag 2012
15
Value Chain
Sectoroverzicht
Waardeketen
Ingebruikname vervoersmiddel
• Productie
• Aankoop
• Verhuur
© 2014 Deloitte Belgium
Verplaatsing(en)
• Onderhoud
• Sociaal vervoer
Buitengebruikstelling vervoersmiddel
• Recyclage
• Verkoop
• Verhuur
16
Potentieel voor de sociale economie in
de waardeketen
Value Chain
Sectoroverzicht
Waardeketen
Potentieel voor
BW/ SW voorbeelden
Ingebruikname vervoersmiddel
Verplaatsing(en)
Buitengebruikstelling vervoersmiddel
In vele SW/BW doen doelgroep-medewerkers
aan fietsenassemblage.
Ook fietsenverhuur behoort tot een van de
mogelijkheden. Op dit vlak zijn veel beste
praktijken beschikbaar.
Vb. Verhuur van fietsen aan toeristen,
fietspunten aan stations, etc.
© 2014 Deloitte Belgium
Bron: Contactopname Mobiel 21, Contactopname fiets en werk
17
7
Sectoroverzicht
Waardeketen
Ingebruikname vervoersmiddel
Potentieel voor
BW/ SW voorbeelden
Value Chain
Potentieel voor de sociale economie in
de waardeketen
Verplaatsing(en)
In vele SW/BW worden doelgroep-medewerkers
opgeleid tot fietsenherstellers.
Voornaamste klanten voor fietsherstellingen zijn
particulieren, bedrijven, studenten, toeristen. Op
dit vlak biedt de SW/BW belangrijke
competitieve voordelen aangezien alle fietsen
hersteld kunnen worden (in fietsenwinkels
worden vaak enkel fietsen afkomstig van de
eigen winkel hersteld) en de hersteltijden zeer
kort zijn.
Vb. Er zijn SW/BW die contracten hebben met
Universiteiten, bedrijven voor het onderhoud van
hun fietsen. Ook fietspunten aan stations worden
vaak onderhouden door SW/BW.
Niet enkel fietsen komen in aanmerking voor
onderhoud door SW/BW. Schoonmaak van
auto’s en kleine herstellingen aan
bromfietsen, elektrische fietsen en wagens
komen eveneens in aanmerking. Cambio werkt
bv. samen met SW/BW voor de schoonmaak
van haar wagenpark. Ook het opkuisen van
wagens die end of lease zijn, inclusief licht
beschadigingen wegwerken kan tot het
takenpakket van een SW/BW behoren.
Eveneens op vlak van koerierdiensten kunnen
SW/BW een rol spelen. Zo werken sommige
werkplaatsen samen met reisbureaus voor het
nabrengen van bagage.
© 2014 Deloitte Belgium
Buitengebruikstelling vervoersmiddel
Chauffeurs vanuit sociale economie zouden
kunnen zorgen voor busvervoer/busjesvervoer
voor ouderen, zieken etc. Het concept van
sociale taxi en buurtbus past eveneens in dit
idee. Op die manier kunnen mensen rij-ervaring
opdoen (rijbewijs halen is een vaak gehoord
knelpunt bij kansengroepen) en bijdrage aan de
beperkte mobiliteit van anderen. (Voorbeelden:
mobiplus, de c-mine bus, inschakelen van
sociale economie bij aangepast
vervoer/mindermobielencentrales (vb mobiel
vzw)
SW/ BW werken eveneens aan duurzame
mobiliteit van de werknemers op
de werkplaatsen zelf.
Vele projecten om de werknemers meer op de
bus/fiets te krijgen vonden reeds plaats.
Bron: Contactopname Mobiel 21, Contactopname fiets en werk
18
7
Potentieel voor de sociale economie in
de waardeketen
Value Chain
Sectoroverzicht
Waardeketen
Potentieel voor
BW/ SW voorbeelden
Ingebruikname vervoersmiddel
© 2014 Deloitte Belgium
Verplaatsing(en)
Buitengebruikstelling vervoersmiddel
Vooral wat betreft het afmonteren en recyclage
van oude fietsen zijn SW/ BW werkzaam.
Bron: Contactopname Mobiel 21, Contactopname fiets en werk
19
7
Potentieel voor sociale economie in mobiliteitssector
Categorisatie sectoractiviteiten
* Lage concurrentiegraad +
administratieve lasten (vergunningen, etc.)
Toegankelijkheid sectoractiviteiten *
Hoog
Marktpotentieel / Focus
voor maatwerkbedrijven
Outsourcing:
uitbesteding aan nichespelers
Vaste partner:
uitbesteding aan vaste partners
(andere dan sociale economie)
Specialisatie in kerntaak:
deze activiteiten worden meestal
intern gehouden
Laag
Laag
© 2014 Deloitte Belgium
Complexiteit activiteiten
Hoog
20
Potentieel voor sociale economie in mobiliteitssector
Categorisatie sectoractiviteiten
* Lage concurrentiegraad +
administratieve lasten (vergunningen, etc.)
Hoog
FOCUS
Toegankelijkheid sectoractiviteiten *
Fietsenassemblage
Fietsverhuur
Fietsenonderhoud
Fietsenrecyclage
Niet-technisch auto-onderhoud
(Sociaal) vervoer
Begeleiding ouderen bij mobiliteit
Laag
Laag
© 2014 Deloitte Belgium
Complexiteit activiteiten
Hoog
21
Potentieel voor sociale economie in mobiliteitssector
Fietsen: Assemblage, onderhoud, recyclage, verhuur
Aanbod
•
•
•
•
Assemblage van fietsen
Onderhoud van fietsen: zowel technisch als niet-technisch (schoonmaak)
Recuperatie van herbruikbare onderdelen
Verhuren van fietsen (al dan niet als onderdeel van fietsdeelsysteem)
Klanten
•
•
•
•
Particulieren
Bedrijven
Universiteiten - studenten
Aanbieders van
fietsdeelsystemen
Kanalen
• Activiteiten vinden vaak
plaats binnen een
werkplaats waar fietsen
worden binnengebracht
• Er kan eveneens ter
plaatse worden gewerkt
Marktpotentieel
• De fiets is de laatste jaren een
steeds populairder transportmiddel
geworden. Fietsdeelsystemen en
de opkomst van elektrische fietsen
versterken dit effect nog verder.
© 2014 Deloitte Belgium
Partners
• Universiteiten en
overheden zijn veelal
partners om het
aanbieden van de
diensten te faciliteren
Concurrentie
• Fietsdetailhandelaars
• Fietsverhuurbedrijven
• Andere SW/BW die
dezelfde diensten
aanbieden
Inschatting kosten /
Barrières
• Niet alle aspecten van fietsenassemblage,
onderhoud, recyclage en verhuur kunnen door
een SW/BW op zich worden genomen. Vb.
Onderhoud van elektrische fietsen is soms te
technisch, herstel en onderhoud ter plaatse/
van fietsdeelsystemen kan enkel voor
doelgroepmedewerkers die zelfstandig kunnen
werken, voldoende flexibiliteit is vaak
noodzakelijk.
Bron: Contactopname Mobiel 21, Contactopname fiets en werk
22
Potentieel voor sociale economie in mobiliteitssector
Auto: Auto-onderhoud, (sociaal) vervoer
Aanbod
• Niet – technisch onderhoud van auto’s (schoonmaak o.a. binnen autodeelsystemen en/ of van wagens die end of lease zijn,
inclusief licht beschadigingen wegwerken)
• Inschakeling van chauffeurs vanuit sociale economie voor busvervoer/busjesvervoer voor ouderen, zieken
• Inschakeling van chauffeurs voor 'sociale taxi' (verbreedde mindermobielcentrale) of buurtbussen
• Koerierdiensten (o.a. in samenwerking met reisbureaus)
Klanten
• Particulieren
• Bedrijven
• Aanbieders van
autodeelsystemen
• Activiteiten vinden vaak
plaats binnen een
werkplaats waar wagens
worden binnengebracht
• Er kan eveneens ter
plaatse worden gewerkt
Marktpotentieel
• De vraag naar sociaal vervoer is
met de vergrijzing van de
bevolking de laatste jaren erg
toegenomen.
• Online aankopen verhogen de
vraag naar koerierdiensten.
• Vaak kunnen SW/BW autoonderhoud en sociaal vervoer
goedkoper aanbieden dan
concurrenten.
© 2014 Deloitte Belgium
Partners
Concurrentie
• Vaak zijn er
samenwerkingsverbanden
met leasebedrijven of
aanbieders van
autodeelsystemen
• Professionele
autoschoonmaakbedrijven
• Taxis’, openbaar vervoer
• Koerierdienstbedrijven
• Andere SW/BW die
dezelfde diensten
aanbieden
Kanalen
Inschatting kosten /
Barrières
• Niet alle aspecten van fietsenassemblage,
onderhoud, recyclage en verhuur kunnen door
een SW/BW op zich worden genomen. Vb.
Onderhoud van wagens is vaak te technisch,
herstel en onderhoud ter plaatse kan enkel voor
doelgroepmedewerkers die zelfstandig kunnen
werken, voldoende flexibiliteit is vaak
noodzakelijk.
Bron: Contactopname Mobiel 21, Contactopname fiets en werk
23

similar documents