1-3: Sociale wijkteams in Gelderland

Report
www.spectrumelan.nl
•
[email protected]
•
gratis
•
klantenservice (026) 352 34 20
ov
e
ms i
n gelde
rl
foto: Al Hajem
Door het werken aan deze krant
kwamen de mensen achter al deze
veranderingen in beeld en gingen de
verhalen leven. De vraagstukken die
zij oplossen, hun ambities en de
eerste successen die zij boeken,
waren inspirerend. We hebben
daardoor met veel plezier aan deze
uitgave gewerkt en hopen dat u met
net zoveel plezier deze informatie
leest. Wij danken iedereen die een
bijdrage heeft geleverd aan deze
krant!
stand van zaken. We kwamen
natuurlijk overeenkomsten tegen
omdat de opdracht hetzelfde is. In
de uitwerking zien we echter veel
verschillen, alleen al in de naamgeving. Het gebied waar een team
opereert, varieert van wijkniveau tot
gemeente-overschrijdend. De opzet,
taken en verantwoordelijkheden van
wijkteams verschillen, er worden
andere accenten gelegd en de
ontwikkelingsfase loopt uiteen.
Wat kunt u in deze krant verwachten?
In deze krant komen verschillende mensen aan het woord
over de ambities en opzet van
hun wijkteam. Veel professionals, maar ook enkele inwoners vertellen waar zij aan
denken bij het woord wijkteam. Ze reageren heel verschillend.
Diversiteit als aandachtspunt
voor mensen die in een wijkteam werken is in een apart
artikel uitgewerkt. Evenals
een beschouwing over recent
onderzoek naar de succesfactoren van een sociaal wijkteam.
En net als in elke krant treft u
cartoons, puzzels en een
weerbericht aan. En advertenties. We laten immers ook
graag weten op welke manier
Spectrum partner met elan
kan bijdragen bij de opzet en
ie
Nieuwe colleges wijzigen wellicht
nog de ingezette koers. Tal van
invloeden en ontwikkelingen maken
dat per gemeente de ontwikkelingen
uniek zijn.
In deze speciale editie van De
Anderslander bieden wij u een
kijkje achter de schermen van
de wijkontwikkeling in Gelderland. Elke gemeente is
bezig om vorm te geven aan de
grote transities: de langdurige
zorg, de jeugdzorg en de
participatiewet.
De meeste gemeenten kiezen
voor ontwikkelingen waarbij
de wijk uitgangspunt is en het
wijkteam het instrument. In
alle gemeenten zoekt men
naar een vorm waarbij de
inwoners betrokken worden
en ruimte krijgen om zelf of
met elkaar verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen
leefomgeving. Het wordt
anders in Gelderland. Het
leven in Gelderland wordt
anders. Vandaar deze Anderslander.
Om u een indruk te geven ‘hoe’ het
anders wordt, zijn wij bij een aantal
Gelderse gemeenten op bezoek
gegaan om te informeren naar de
t
Sociale wijkteams in Gelderland
ea
le edit
d
•
an
nummer 1
an
nv
ge
•
specia
w ij k
juni 2014
de Anderslander
e ontwikkelin
rd
ontwikkeling van teams en bij
het betrekken van bewoners.
Nijmegen en Arnhem
In Nijmegen maakt het sociale
wijkteam succesvolle matches
tussen wijkbewoners. Door ruimte
vanuit de gemeente en inzet van de
wijkbewoners is lang niet altijd
professionele hulp nodig. In wezen
is iedereen in de wijk lid van het
wijkteam. De professionals kunnen,
doordat ze bekend zijn met de
inwoners, ondersteunend zijn; ze
vinden en verbinden. In 2015 willen
ze in Nijmegen door met deze opzet
waarbij bewoners voorop staan.
Arnhem is bezig met de opzet van
gebiedsteams. Uitgangspunt is
zelf- en samenredzaam. Er zijn nu
twee proeftuinen voor volwassen.
Vanaf 2015 komen die er in alle acht
deelgebieden, ook voor jeugd. De
burger staat centraal en de profes-
sional werkt outreachend. Voor
complexe problematiek hebben ze
in Arnhem al jaren de Overlast Zorg
Overleggen. De gebiedsteams
leggen bij complexe zaken daar de
verbinding mee. De zorgcoördinator
op casusniveau, de wijkregisseur
legt de verbinding op instellingsniveau. Arnhem wil voor de verdere
ontwikkeling van de gebiedsteams
gebruik maken van succesvolle
ervaringen van anderen en heeft dus
nog geen blauwdruk voor 2015
klaarliggen.
Sublokale samenwerking in de
Oost Achterhoek
Een wijkteam in een grote stad
vraagt iets anders qua opzet dan in
plattelandsgemeenten. In de Oost
Achterhoek hebben ze een passende
structuur voor plattelandsgemeenten gevonden. Ze werken daar
sublokaal. De gemeenten Aalten,
Winterwijk en Oost
Gelre en de scholen
in die gemeenten
hebben budgetten
en mensen
gebundeld. Ze
werken met Ondersteuningsteams. De
eerste evaluatie
laat positieve
resultaten zien. We
laten de directeur
van het samenwerkingsverband
voortgezet onderwijs aan het woord,
we doen verslag
van het gesprek
met de coördinator
van het samenwerkingsverband De
Post in Winterswijk en de voorman
van het Ondersteuningsteam vertelt
over de Zorgmonitor, het registratiesysteem waar in deze regio voor
gekozen is.
Kleinere gemeenten
In deze krant komen professionals
uit een aantal kleinere gemeenten
aan het woord. We spreken met
Rheden waar professionals en
vrijwilligers samenwerken. In
Beltrum zijn de Voormekaarteams
vooral gericht op wat mensen zelf
kunnen bijdragen en organiseren.
Een mooi voorbeeld in regio
FoodValley, hoe de lokale wijkaanpak aansluit op de werkwijze van
een expertteam voor jongeren met
gecompliceerde vragen, is te vinden
in Rhenen en Veenendaal.
Onderzoek naar werkzame
factoren
Het hoofdartikel, in het midden van
deze krant, is een onderzoek naar de
werkzame ingrediënten om de
inhoudelijke doelstellingen te
behalen, die met de wijkteams
beoogd worden. De verschillen in
wijkteams zoals we die in Gelderland zien, zien we in heel Nederland. Er is al veel onderzoek gedaan
naar wijkteams. De auteur van het
artikel, Ivo Nienhuis zet de vier
basisingrediënten op een rijtje, die
cruciaal lijken voor succes. De
auteur sluit zijn artikel af met de
conclusie dat deze vier factoren de
basis vormen. Maar … “voor een
driesterrenmaaltijd zijn meer
ingrediënten nodig”.
Het stormt maar
het fundament
is stevig
door Marijke Visschedijk
Vandaag heb ik de beschouwing van Jos van der Lans
gelezen: HET FUNDAMENT.
Hij heeft het in februari van
dit jaar geschreven in opdracht
van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Het is zo’n
heerlijk artikel waarbij je, als
je het leest voordurend denkt,
‘oh ja’, ‘ja natuurlijk’, ‘dacht ik
al’ en ‘wat kan hij dat goed
verwoorden’. Jos van der Lans
schrijft over de wijken en de
wijkgerichte aanpak. Over de
historie, wat werkt en over de
toekomst van het wijkgerichte
werken.
Ik deel in dit artikel met u mijn
‘aha-ervaringen’ bij het lezen van de
beschouwing van Jos van der Lans
en leg de relatie met de wijkontwikkelingen in Gelderland. Want veel
van wat in Gelderland gebeurt is
illustratief bij de beschouwing van
Jos van der Lans. Ik haal in dit
artikel een aantal bevindingen en
meningen van Jos van der Lans aan
die mij erg aanspreken en die ik
herken. Maar het is zeker de moeite
waard om zijn beschouwing in zijn
geheel te lezen.
De wijken als fundament
Tot voor kort werd bij het begrip
‘wijkaanpak’ gefocust op wijken
waar de problemen groot waren.
Achterstanden waren aanleiding om
in een bepaalde wijk extra te
investeren. Als we nu over de
‘wijkaanpak’ denken, dan doelen we
niet langer op iets extra’s voor een
specifieke wijk, maar is het een
uitgangspunt voor de inrichting van
het totale sociale domein geworden.
Het begrip transformatie past dan
(zie vervolg pag. 2)
2
3
foto: Al Hajem
Instellingsdenken, aanbodgericht
denken, registratie, financiering
en verantwoording maken
vraaggericht werken lastig
(Vervolg pag. 1 Het stormt...)
ook beter. Het is niet alleen een
decentralisatie van verantwoordelijkheden maar een herinrichting.
Het gaat uit van inwoners.
We zien dat ook bij de Gelderse
gemeenten. Arnhem heeft haar
gemeente ingedeeld in acht
gebiedsteams, Zutphen kiest voor
gebiedsgerichte sociale teams en in
de Oost Achterhoek lijkt een
Ondersteuningsteam op sublokaal
niveau de meest geschikte gebiedsindeling.
Het stormt. Bezuinigingen,
decentralisaties, burgerkracht,
participatiesamenleving, eigen
verantwoordelijkheid, thuiszorg,
mantelzorg, sociale wijkteams,
zelfredzaamheid, Participatiewet,
sociaal doe-het- zelven, systeemwereld, transitie, AWBZ, leefwereld, vrijwilligerswerk, generalisten, jeugdzorg, WMO –de
woorden dwarrelen als losse
blaadjes over elkaar heen.
Weinig is zeker, alles lijkt ter
discussie te staan. Toch is er een
houvast. Ergens krijgen deze
woorden vaste grond onder de
voeten. Ergens moeten ze landen.
Daarover gaat deze notitie. Over
het speelveld van een snel veranderende verzorgingsstaat”
Uit: Een wijkgerichte aanpak: HET
FUNDAMENT. Jos van der Lans,
Amsterdam, februari 2014.
De mensen maken het succes
Wat mij verder aanspreekt en wat ik
herken in de praktijk, is dat mensen
bepalend zijn voor succes. Of het nu
gaat over een initiatief, een wijkteam of een bepaalde manier van
werken, het succes ervan hangt voor
een groot gedeelte af van mensen.
Van iemand die een plan, een wens,
een ideaal heeft. Zij inspireren,
stimuleren en maken een initiatief
tot een succes. Zij spreken mensen
aan, verbinden en mobiliseren een
groep van mensen die samen het
draagvlak van het initiatief vormen.
Daarom kun je ook geen blauwdrukken maken en die op een
andere plek uitrollen. De goede
voorbeelden kunnen wel ter
inspiratie gebruikt worden. Het is
mensen eigen om zichzelf en hun
plan als uniek te zien. Dat is feitelijk
ook zo. De omstandigheden, de
betrokkenen, de historie, de
ambities en de randvoorwaarden, ze
zijn overal verschillend en maken
een plan tot een uniek plan. Dat
geldt ook voor wijkteams.
Nu gemeenten de ruimte maar ook
de plicht hebben om het sociale
domein zodanig in te richten dat het
tegemoet komt aan alle vragen van
alle inwoners op alle leefgebieden,
zien we dat elke gemeente een eigen
variant kiest. We zien dat ook in
Gelderland. De 56 gemeenten
hebben elk een eigen opzet voor de
inrichting van het sociale domein.
Sommige gemeenten kiezen er wel
voor om samen te werken met
andere gemeenten, maar in elk
convenant zit de ruimte voor lokale
uitwerking. We zien dat in de
Noordoost-Veluwe en de Stedendriehoek. Een variant zien we in de
FoodValley waar ze de samenwerking andersom insteken “Lokaal wat
lokaal kan en regionaal wat moet”.
De politieke keuzes die een gemeente maakt, de uitwerking door
organisaties maar vooral de
invulling door enthousiaste,
bevlogen, betrokken mensen maakt
volgens mij en Jos van der Lans, of
het succesvol wordt.
Aansluiten bij de vraag
In zijn betoog gaat van der Lans in
op het belang om uit te gaan van de
leefwereld van mensen. Ik sluit me
daar bij aan. Wat is de echte vraag
van de wijkbewoner? Problemen in
gezinnen staan niet op zich, hangen
met elkaar samen en vragen om een
logische integrale aanpak. Als
professionals met verschillende
achtergronden samenwerken om
elkaar te versterken dan is het
resultaat voor de vraagsteller
aantoonbaar beter. Denk mee met
de ander, vertrouw de ander en kijk
of je dat waar hij mee bezig is kunt
versterken. Het lijkt een logische
attitude maar de vrijwilligers en de
professionals hebben vaak niet de
ruimte om echt op elkaar aan te
sluiten. Om af te stemmen op de
leefwereld van de inwoners.
Instellingsdenken, aanbodgericht
denken, registratie, financiering en
verantwoording maken dat lastig.
Werken vanuit wijkteams kan deze
attitude stimuleren, mits betrokkenen de ruimte krijgen om los van
bestaande patronen met mensen
mee te denken over wat daadwerkelijk zou kunnen helpen. Ook in
Gelderland worstelen degenen die
verantwoordelijk zijn voor de
wijkteams met het spanningsveld
tussen het geven van ruimte en het
willen verantwoorden van de inzet.
Zeker in deze overgangsfase
waarvoor de oude kaders nog
gelden. Dit werkt frustrerend voor
hen die echt anders met gezinnen
willen werken en anders naar
vraagstukken willen kijken. Het
geeft inwoners en professionals niet
echt de kans om anders te werken.
Gezinnen, inwoners kunnen zo niet
zelf verantwoordelijkheid nemen.
Burgerinitiatieven
Jos van de Lans geeft een aantal
voorbeelden van mooie burgerinitiatieven. Hij illustreert daarmee dat
mensen zich in toenemende mate
opwerpen als eigenaar van oplossingen. De gemeente als facilitator.
Het investeren in wijkteams is
investeren in preventie. Investeren
in wijkteams, in onderwijs, in de
kwaliteit van de huizen en in de
omgang met gezondheid blijkt op
termijn te lonen. Het voorkomt
hogere kosten op lange termijn. Er
zijn kosten-baten analyses gemaakt
die dit aantonen. Het vraagt wel een
lange adem. Ik ben blij dat dit nu
ook uit onderzoek blijkt. Met mijn
gezonde verstand had ik, en met mij
vele anderen, deze veronderstelling
al, maar als je een bewering met
cijfers onderbouwt , dan is dat
sterker.
Het zijn besparingen op kosten die
niet binnen één financieringsstroom
vallen. Ze gaan ook niet voor de
baat uit! Dit vraagt investeren en
dat terwijl er bezuinigingen moeten
worden gerealiseerd. Deze gesegmenteerde financieringsstromen
zouden op wijkniveau een totaalbudget moeten worden, zodat
investeren in preventie ook merkbaar voor het eigen budget geld
oplevert. In Arnhem zijn ze dat van
plan, door met gebiedsbudgetten te
gaan werken.
Op meerdere plaatsen in Gelderland
zijn initiatieven om cijfermatig de
ontwikkelingen te volgen. Bijvoorbeeld in de Achterhoek. Daar gaat
de Zorgmonitor inzicht geven in het
behalen van beoogde ambities.
In Amsterdam, zo lezen we in de
beschouwing van van der Lans, zijn
ze aan het experimenteren met
maatschappelijk aanbesteden. Ze
kijken of de uitvoering van publieke
taken kan worden overgedragen aan
bewoners of sociaal ondernemers
uit de buurt. Een Gelders voorbeeld
is in Lichtenvoorde. De Lichtenvoorde is een instelling voor mensen
met een verstandelijke beperking.
De Lichtenvoorde overweegt of ze
het inzetten van vrijwilligers over
kunnen dragen aan een sociaal
ondernemer.
Waar gaat het naar toe met het
wijkgerichte werken?
Burgerkracht is een trend die
zichtbaar is en waarvan het
waarschijnlijk is dat die doorzet.
Een VNG-denktank inventariseerde
in 2013, 1800 burgerinitiatieven.
Bewoners zijn met elkaar de dienst
gaan uitmaken in gebouwen,
voorzieningen en op terreinen. Als
voorzieningen aan de burgers
worden opgelegd ontstaat onverschilligheid en een consumentisme.
Waar ze vanzelf ontstaan krijgt het
een andere intensiteit. Het wordt
eigen en doet een ander appel op
verantwoordelijkheid ervoor.
De verwachtingen van de wijkaanpak moeten niet te hoog zijn. Velen
van ons voelen zich niet aangesproken als er een appel gedaan wordt
op ons gemeenschapsgevoel. Niet
iedereen is een meewerkende
burger. De ‘authentieke wijkbewoner’ waar in sommige notities vanuit
gegaan wordt bestaat niet. Dit lezen
we in deze Anderslander ook terug
in de korte gesprekjes die we met
inwoners voerden. Geen van hen
voelt zich aangesproken door de
wijkgerichte aanpak.
Een tweede trend is die van
bottom-up. Verantwoordelijkheden
van de rijksoverheid verschuiven
naar de gemeentelijke overheid.
Gemeenten krijgen de ruimte om op
hun eigen manier de langdurige
zorg, jeugdzorg, werken naar
vermogen en het passend onderwijs
in te richten. De gemeenten zijn
zich hierop aan het voorbereiden
onder meer door de sociale wijkteams. Zij decentraliseren door naar
de wijken. De wijkaanpak heeft daar
het fundament voor gelegd. Die
kunnen weer aansluiten op burgerinitiatieven en het eigen vermogen
van gezinnen.
Het is de uitdaging voor de gemeenten om de verzorgingsstaat te
verbouwen. Het is een bouwen
waarbij de inzet van mensen
cruciaal is. Deze is niet zo makkelijk
te organiseren als het realiseren van
een fysiek bouwwerk, waar stapelen
van stenen de uitdaging is. Gemeenten dienen de zelforganiserende
kracht van inwoners te koppelen
aan voorzieningen en professionals.
Meer macht en zeggenschap zijn
daar een stimulans voor. Mensen
zijn meer tevreden en optimistischer als ze meer te zeggen krijgen
over de oplossingen in hun eigen
wijk. De decentralisatie moet leiden
tot meer lokale speelruimte en
vrijheid. Dit geldt voor alle niveaus.
Dus ook meer keuzes, macht en
zeggenschap voor burgers en
voorzieningen die daar op inspelen.
In zijn denken waar het naar toe
gaat met onze samenleving haalt
van der Lans K.Putters aan,
directeur van het Sociaal en
Cultureel Planbureau (SCP).
Volgens Putters gaan we van
verzorgings-staat naar verzorgingsstad.
Voorlopig zitten gemeenten,
professionals en inwoners nog
met een groot aantal onzekerheden en niemand weet precies hoe
de lokaal georganiseerde verzorgingsstaat in de wijken er uit gaat
zien. Maar … het fundament voor
de wijkaanpak, uitgaande van
mensen en wat hen bindt, ligt er.
Agenda voor gemeenten
volgens K.Putters (SCP)
Om van verzorgingsstaat naar
verzorgingsstad te transformeren
moeten gemeenten:
• Een discussie voeren over een
morele agenda waarin duidelijk wordt: wat verwachten wij
van elkaar, wat is goede
kwaliteit van zorg en leven en
waar liggen de grenzen.
• Er dient een institutionele
agenda te komen die de lokale
democratie en de zeggenschap
van burgers regelt.
• Een kennisagenda is nodig om
te meten wat er gebeurt. Een
meten dat recht doet aan de
nieuwe werkelijkheid en dus
niet alleen kwantitatieve
informatie oplevert maar ook
kwalitatieve.
Column
Cor Klein Heerenbrink
Privacy
Sociale wijkteams zijn hot. Geen zichzelf respecterende gemeente die er
niet op een of andere wijze mee bezig is. Zag je twee jaar geleden naast
instellingen die het licht gezien hadden, ook nog organisaties die dachten
dat deze beker aan hen voorbij zou gaan, tegenwoordig huppelt iedere
instelling die actief is in de eerste lijn mee in de dans om de functies in het
sociale wijkteam. En geef ze eens ongelijk. Naast kennis en kunde die ze
meebrengen, speelt er ook een welbegrepen eigenbelang. Opbouwwerkers,
maatschappelijk werkers, cliëntondersteuners, Wmo-consulenten,
jeugdzorgers, iedereen doet mee; met zijn eigen werkwijze, zijn eigen
systeem en zijn eigen normen en waarden.
Een van de obstakels die opgeworpen wordt voor het intensief samenwerken in sociale teams is de privacy. Hoe gaan we om met de privacy? Een
hindernis die meestentijds, ik kan er niet omheen, opgeworpen wordt
door het maatschappelijk werk. Blijkbaar zit er iets in het waardesysteem
van maatschappelijk werkers dat hen aan de bel doet trekken. Of mijn
beeld is vertekend door mijn verleden. Ik erken, met een verleden als
opbouwwerker ben ik niet geheel van smetten vrij.
Natuurlijk, ze hebben groot gelijk. Privacy is een groot goed. Het moet
gekoesterd worden, beschermd, tot het uiterste verdedigd. Maar soms kan
ik me niet aan de indruk onttrekken dat het wordt gebruikt als vluchtweg.
Om niet intensief te hoeven samenwerken, om niet in je eigen keuken te
laten kijken. Een professional die zijn gebied kent, kent zijn pappenheimers. De vraag of je alles vast moet leggen, is een andere.
Eind jaren zeventig, begin jaren tachtig werkte ik in een gebiedsteam op
een woonwagencentrum. Een uiterst multidisciplinair team kan ik u
vertellen. Met de wijkagent, de verhuurder van de standplaatsen, de
beheerder van het kamp, die een marechaussee-achtergrond had, de
maatschappelijk werker, de opbouwwerker, de peuterleidster. Af en toe
schoof de pastoor zelfs aan.
Een multidisciplinair team van werkers, dat wist waar ze het over had.
Wist waar de pijn zat, waar de kwetsbaren woonden en de schijnbaar
onaantastbaren. Privacy werd een thema. In het team aan de orde gesteld
door het maatschappelijk werk. Over bewoners praten met naam en
toenaam kon niet zomaar meer. Er werd met initialen gewerkt. Iedereen
wist wie bedoeld werd, maar Piet werd P, en Janus werd J. De pastoor had
het allemaal nog niet meegekregen toen hij weer eens aanschoof bij het
team. Er werd een casus besproken. Ins en outs van W gingen over tafel.
De pastoor zat stil te kijken en nam niet deel aan de discussie. Het leek
aan hem voorbij te gaan. Hij boog zich naar mij over en vroeg: “Wat is dit
Cor? Waarom hebben jullie het steeds over W en noemen jullie zijn naam
niet?” “Nieuwe regels”, zei ik, ook pas aan het begin van mijn loopbaan,
dus redelijk volgzaam in dit soort zaken. “Namen mogen niet meer
genoemd worden. Privacy!” Hij keek me ongelovig aan, vervolgens
iedereen in het gezelschap, waardoor de discussie verstomde. In de stilte
die volgde vroeg hij: :“Wat zijn dat voor fratsen? Privacy. Ah me hoela.
Over wie hebben jullie het?” De naam werd schoorvoetend genoemd.
“Welke Willem?”, vroeg de pastoor. “De Bomenneuker” was het antwoord.
“Oh, die Willem!” En zijdelings tegen mij: “Zet dat maar niet in het verslag
mijn jongen, dat is niet nodig!”
Cartoon silly
Spectrum helpt u verder
Wilt u meer weten? Of heeft u een concrete vraag?
Stuur nu dit contactformulier in.
Spectrum ondersteunt (sociale)
wijkteams en gemeenten graag in
hun aanpak en inzet. Dit doen wij
ondere andere met adviestrajecten, workshops/trainingen,
netwerkbijeenkomsten, kennisateliers, onderzoeken of procesondersteuning.
rr
rr
rr
rr
rr
rr
rr
rr
rr
rr
Een sociaal wijkteam oprichten. U wilt weten wat de mogelijkheden en aandachtspunten zijn in uw gemeente?
Hoe kunt u uw sociale wijkteam zo effectief mogelijk inzetten?
Hoe verbindt u de sociale wijkteams met de inwoners (en andersom)?
Waar legt u in uw sociale wijkteam welk mandaat en wat zijn de consequenties? Wat kunnen sociale wijkteams
betekenen in de toegangspoort?
Hoe kunt u het sociale wijkteam stimuleren meer gebruik te maken van vrijwillige inzet en collectieve
voorzieningen?
Welke evaluatie- en reflectiemethoden kunt u bij de sociale wijkteams inzetten?
U wilt meer PR voor uw sociale wijkteam.
U wilt hulp bij het beschrijven van de werkwijze.
U wilt de samenwerking binnen en/of tussen de sociale wijkteams en andere partners bevorderen.
Iets anders, namelijk: ...........................................................................................................................................................
Wij nemen zo snel mogelijk contact met u op. Dit gesprek is volledig vrijblijvend
Organisatienaam: Naam contactpersoon:
Telefoon:
Email:
............................................................................................................................................................
............................................................................................................................................................
............................................................................................................................................................
............................................................................................................................................................ Na het invullen van deze gegevens,
kunt u dit bericht uitknippen en
posten naar het onderstaand
antwoordnummer of mailen naar
[email protected]
SPECTRUM, partner met elan.
Antwoordnummer 184
6880 VB VELP

similar documents