ob april 2014 - Minor Ondernemerschap

Report
Omzetbelasting
april 2014
Eerst wat theorie
• BTW is een indirecte belasting (heffing van
derden, je weet niet van wie)
• IB en VPB zijn Directe belastingen
• BTW is een verbruiksbelasting
(bij aankoop geheven)
▶Algemene verbruiksbelasting
(iedereen betaalt btw)
• Bijzondere verbruiksbelasting (accijnzen)
Aansprakelijkheid
• De ondernemer moet weten of hij BTW moet
betalen voor een levering of een dienst of niet.
• WKA: Wet keten aansprakelijkheid
• (faillissement)
Wie is Ondernemer ?
Volgens de wet op de
omzetbelasting?
• Ieder, die zelfstandig een bedrijf of
beroep uitoefent.
• Ieder is: eenmanszaak, ZZP, VOF, BV
zelfstandig
• Er mag geen sprake zijn van een verhouding van ondergeschiktheid
of dienstbetrekking.
• Niet zelfstandig zijn:
• Thuiswerkers
• Ex werknemers die dezelfde werkzaamheden uitvoeren als voor hun
ontslag (ontduiking werkgeverslasten)
• Werkzaamheden tbv familie of vrienden (belastingaangifte, huis
schilderen)
• Inschrijving bij de KVK maakt je nog geen ondernemer!!!
Bedrijf of beroep
• Wat een bedrijf of beroep is, staat niet beschreven in de
Wet op de Omzetbelasting.
• Jurisprudentie: Een organisatie van kapitaal en arbeid
welke erop is gericht om in een duurzaam streven door
deelneming aan het maatschappelijk verkeer
maatschappelijke behoeften te bevredigen
• Er moet sprake zijn van het verrichten van economische
activiteiten, waarbij het doel of het resultaat van die
activiteit er niet toe doet. Er is geen sprake van verplicht
kapitaal en arbeid, het streven naar winst is niet relevant.
• Dit is een schril contrast met de Inkomstenbelasting:
Bijvoorbeeld 1225 uur
Duurzaam streven
• Duurzaamheidscriterium is opgenomen om eenmalig
acties uit te sluiten.
• 1x een oude fiets opkopen en doorverkopen. Geen
ondernemerschap, maar meerdere keren wel.
• Een vereniging die een Braderie jaarlijks organiseert
is wel ondernemer.
• Er is geen standaardregel voor het
duurzaamheidscriterium, bij twijfel per geval
bekijken.
Incidentele prestaties
• Art 28bis, eerste lid, zesde richtlijn
• Intracommunautaire verwerving van nieuwe
vervoersmiddelen = altijd ondernemerschap
• Dus ook als je maar 1x een auto invoert ben je BTW plichtig
Quasi-ondernemerschap
• Toch ondernemer, zonder dat ondernemershandelingen
worden verricht.
• Verhuur van je huis of een deel ervan.
• ( let op 1225 uur zelfstandigheidscriterium)
Voorbeelden: exploitatie onroerende/roerende zaken,
licentierechten e.d.
Prestaties om niet.
• Dit zijn gratis verrichtingen.
• Er wordt niet voor betaald, niet in de vorm van gunsten, andere
diensten, natura enz.
• Een prestatie waar wel een vergoeding voor is afgesproken maar
die niet wordt betaald is GEEN PRESTATIE OM NIET
Debiteur betaald niet
• Een factuur die niet wordt voldaan is geen gratis
dienst.
• Je bent dus BTW verschuldigd.
• Bewijzen aan fiscus dat men niet gaan /kan
betalen.
• Dan crediteren en de BTW terugvorderen.
• Praktijk:
• De factuur wordt intern gecrediteerd.
• De BTW is dan weer te verrekenen.
• Toekenning van de fiscus kan jaren duren.
Symbolische vergoeding
• Is geen economische activiteit.
• Zeehonden crèche vraagt symbolisch bedrag, in de hoop, de
btw op de kosten van een verbouwing te kunnen verrekenen.
Verboden prestaties
• Hoe illegaal een prestatie ook is, het blijft een
levering of een dienst.*
• Levering verdovende middelen,
• Paddo’s btw vrij, marihuana is btw plichtig
• Namaakkleding- sieraden- parfums (btw plichtig)
• Vals geld (btw vrij)
• * er dient een invoer en handelsverbod te zijn
Begin en einde ondernemerschap
• Rompelman arrest. Toekomstig appartements gebouw (zesde
richlijn)
• Alle voorbereidende handelingen mogen tot economische
activiteiten worden gerekend.
• Het neutraliteitsbeginsel eist dat er geen omzetbelasting bij de
ondernemer blijft hangen.
Begin en einde ondernemerschap
•
•
•
•
Alle BTW op de aanloopkosten zijn aftrekbaar!!.
Toon wel aan dat je een onderneming wil starten (duurzaam).
Inschrijven bij KvK maakt je nog niet BTW plichtig.
Ook de aanvraag bij de fiscus om een BTW nr. zal/kan later
getoetst worden.
• Bewijslast ligt bij de ondernemer.
• Er dient aannemelijk te worden gemaakt dat de gemaakte kosten
verband houden met een (toekomstig ondernemerschap)
• Het ondernemerschap eindigt als de laatste BTW handelingen zijn
verricht.
• Facturen zijn betaald en ontvangen, aangifte BTW is gedaan
Conclusie
• De ondernemer is aansprakelijk voor de belasting die
de consument dient te betalen.
• Belastingcontrole van de BTW richt
• zich op alle mogelijke zaken die met diensten en
leveringen verband zouden kunnen houden en
waarop eventueel btw in rekening gebracht zou
kunnen worden.
• De Btw is de grootste inkomstenbron voor ons land.
1. >Miljoenennota 2010 (Nota over de toestand van 's Rijks Financiën)
3.1 Inleiding
Deze internetbijlage behorende bij de Miljoenennota 2010 geeft een toelichting op de raming
van de belastingontvangsten voor 2009 en 2010 en gaat vervolgens dieper in op de
ontwikkeling van enkele grote belastingsoorten. Dit zijn achtereenvolgens de
vennootschapsbelasting, de loon- en inkomstenbelasting en de omzetbelasting.
2008
2009
2010
Indirecte belastingen
72 920
63 260
68 383
Invoerrechten
2 369
1983
2000
Omzetbelasting
43 311
36 080
41 100
Belasting op personenauto’s en motorrijwielen
3 271
2 361
2005
Accijnzen
10 489
10 569
10 666
Belastingen van rechtsverkeer
5 389
3 601
3 714
– Overdrachtsbelasting
4 562
2 778
2 885
– Assurantiebelasting
804
801
807
– Kapitaalsbelasting
23
22
Motorrijtuigenbelasting
3 079
3 316
3 672
Belastingen op een milieugrondslag
4 499
4 565
4 640
Verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken e.a.
159
155
154
Belasting op zware motorrijtuigen
119
115
116
Verpakkingenbelasting
147
317
317
Vliegbelasting
88
199
0
Directe belastingen
65 050
65 910
63 157
Loon- en inkomstenbelasting kas
40 168
47 801
44 443
Dividendbelasting
3 951
2 516
2 891
Kansspelbelasting
302
436
452
Vennootschapsbelasting
18 814
13 434
13 638
– Gassector kas
2 200
1 850
1 600
– Niet-gassector kas
16 614
11 584
12 038
Vermogensbelasting
20
20
20
Successierechten
1 795
1 703
1 713
Niet nader toe te rekenen belastingontvangsten
98
98
98
Totaal belastingen op kasbasis
138 068
129 268 131 638
K.O.R
• Eenmanszaak/zzp hebben 1 x per jaar recht op
Kleine Ondernemers regeling BTW
• De VOF en Maatschap idem, maar alleen per
bedrijf niet per vennoot.
• LET OP de niet betaalde btw komt bij de Winst IB
• Samenwerken maar geen VOF: samenwerkingscontract met je
partners
• Je blijft dan een eenmanszaak en hebt recht op de KOR.
• Een VOF met 3 personen krijgt maar 1 x KOR
Wat rekenwerk
Vermindering voor kleine ondernemers
Hoeveel btw zou je per jaar moeten betalen?
Hoeveel vermindering kunt je krijgen?
Bij een saldo van € 1.884 of meer krijg je geen
vermindering.
Meer dan € 1.345, maar minder dan € 1.884 (zie
voorbeeld 1) 2,5 x (€ 1.883 – btw-bedrag)
€ 1.345 of minder (zie voorbeeld 2) je hoeft geen btw te
betalen (maar je moet wel aangifte doen).
Voorbeeld 1.
Omzet bloemen excl . btw
BTW 6% op omzet
€ 75.000,00
€ 4.500,00
Inkoop excl . btw
BTW op inkoop
€ 13.600,00
€ 2.865,00
Wat is de BTW afdracht??
Oplossing
Te betalen BTW
Af: Voorheffing BTW
€ 4.500,00
€ 2.865,00
Saldo
€ 1.635,00
Vermindering KOR:
1883-1635= 248 x 2,5 =
€ 620,00
Te betalen
€ 1.015,00
Voorbeeld 2 wat is de afdracht
Jaaromzet
BTW 21% =
€ 30.000,00
€ 6.300,00
Voorbelasting
€ 4.970,00
Voorbeeld 2 oplossing
Jaaromzet
BTW 21% =
€ 30.000,00
€ 6.300,00
Voorbelasting
Saldo
€ 4.970,00
€ 1.330,00
KOR
€ 1330,00
Saldo
nihil
Let op
• Bij de inkomsten-belasting geef je de KOR
aan als WINST
• Heb je meerdere eenmanszaken dan tel je
alle btw bij elkaar op. De regeling geldt
per persoon en niet per bedrijf.
• Heb je een eenmanszaak en een VOF dan
kun je 2x gebruik maken van de KOR.
Verplichte gegevens op factuur
•Naam, adres en btw-nummer
•KvK-nummer
•Uniek volgnummer
•Datum waarop de factuur gemaakt is
•Naam en het adres van de afnemer
•Datum waarop de goederen of diensten zijn geleverd
•Aantal geleverde goederen of diensten
•Omschrijving van de goederen of diensten die zijn geleverd
•Btw-tarief dat in rekening wordt gebracht
•Bedrag dat je in rekening brengt, exclusief btw
•Btw-bedrag
•Iban-nr
Aangepaste regels voor facturen
In sommige situaties gelden aangepaste regels
voor de facturen:
•tussenhandelaar bij een ABC-transactie.
•verleggingsregeling.
•margegoederen.
•acceptgiro.
•automatische afschrijvingen.
•doorlopende overeenkomst.
•meerdere gelijksoortige goederen of diensten
aan een klant.
•meerdere goederen of diensten aan een klant
•verzamelfactuur.
• Aangepaste regels voor facturen vervolg
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Je hebt een groothandel.
Je werkt met kortingen en vooruitbetalingen.
Je werkt met kredietbeperkingstoeslag.
De klant ruilt goederen in.
voorschotnota's.
brandstof voor landvoertuigen.
Een vertegenwoordiger betaalt de btw.
Je levert nieuwe auto's of andere nieuwe vervoermiddelen.
Je levert vrijgestelde goederen of diensten.
Je doet zaken met het buitenland.
Je valt onder de reisbureauregeling (vanaf 1 april 2012).
Drempelbedragen
afstandsverkopen
Levert u in een jaar voor meer dan de onderstaande
bedragen goederen aan particulieren, ondernemers die
geen aangifte doen, of organisaties die geen ondernemer
zijn? U moet dan het btw-tarief van het land van uw klant
in rekening brengen. Dit doet u vanaf het moment dat uw
omzet voor dat land hoger is dan het onderstaande
drempelbedrag, voor de rest van het jaar en in ieder geval
ook het volgende jaar.
Land
Drempelbedrag
Bulgarije
BGN 70.000
Cyprus
EUR 35.000
Denemarken
DKK 280.000
Duitsland
EUR 100.000
Estland
EUR 35.151
Finland
EUR 35.000
Frankrijk
EUR 100.000
Griekenland
EUR 35.000
Hongarije
HUF 8.800.000
Ierland
EUR 35.000
Italië
EUR 35.000
Letland
LVL 24.000
Litouwen
LTL 125.000
Luxemburg
EUR 100.000
Malta
EUR 35.000
Oostenrijk
EUR 35.000
Polen
PLN 160.000
Portugal
EUR 35.000
Roemenië
RON 118.000
Slovenië
EUR 35.000
Slowakije
EUR 35.000
Spanje
EUR 35.000
Tsjechië
CZK 1.140.000
Verenigd Koninkrijk
GBP 70.000
Zweden
SEK 320.000
belastingcontrole
• Bewijslast ligt bij de ondernemer.
• Er dient aannemelijk te worden gemaakt dat de gemaakte
kosten verband houden met een (toekomstig
ondernemerschap)
• Het ondernemerschap eindigt als de laatste BTW handelingen
zijn verricht.
• Facturen zijn betaald en ontvangen, aangifte BTW is gedaan
Pauze van 20 minuten
De praktijk
Btw-nummer
Dat krijg je als de Belastingdienst je registreert als
ondernemer voor de omzetbelasting. Dit btwnummer moet je op de facturen vermelden.
Er zijn verschillende benamingen:
btw-nummer, OB-nummer, omzetbelastingnummer,
fiscaal nummer, RSIN, btw-identificatienummer.
korte uitleg over hoe het btw-nummer tot stand
komt.
1. BSN, sofi-, fiscaal -BSN, -nummer
Iedere inwoner van Nederland mits ingeschreven bij
een gemeente krijgt een Burgerservicenummer
(BSN). vroeger sofi-nummer. 123456789
BSN : 7- 9 cijfers
Eenmanszaak = natuurlijk persoon.
Btw-nummer = BSN van de eigenaar 123456789
Fiscaal nummer sinds 2010 genoemd: RSIN :
7 tot 9 cijfers 87654321
Rechtspersoon, (vof/bv/Stichting/vereniging)
fiscaal nummer is geen BSN of Sofinr.
Omzetbelastingnummer, OB-nummer
Bij Eenmanszaak/zzp
(BSN) 12345789
Bij
.
Rechtspersoon(vof,bv,enz)
RSIN (fiscaalnr) + 3 cijferigcode
(B01 t/m B99)
B02 t/m 99 geeft aantal
bedrijfsfaillisementen aan.
87654321B01
Btw-nummer, btw-identificatienummer :
14 tekens.
Begint met Landcode: NL. (2 tekens)
Dan het BTW-nummer (9 tekens)
Daarna 3-cijferige code : B01 t/m B99 (3 tekens)
Als het BTW-nummer minder dan 9 cijfers is
voorloopnullen gebruiken om tot 9 cijfers te komen.
NL001234567B01 voor de eenmanszaak
Btw-nummer fiscaal
Het btw-nummer / btw-identificatienummer is
hetzelfde.
NL876543210B01
Dit is het nummer dat je op je factuur moet
vermelden.
Hoe belast ik onkosten door aan een opdrachtgever?
Als je met je opdrachtgever hebt afgesproken dat je bepaalde
onkosten (zoals treinreizen, taxiritten, autokilometers, literatuur,
koffie/thee/lunch, verzendkosten e.d.) mag doorbelasten, dan doe
je dat als volgt:
1.Voor jou zijn dit om te beginnen gewone zakelijke uitgaven: je
boekt de kosten in, bewaart de factuur of bon in jouw
administratie en vraagt de betaalde btw terug aan de
belastingdienst (voor zover dat is toegestaan).
2.De kosten exclusief btw zet je op je factuur aan de
opdrachtgever. Dit is onderdeel van je normale omzet.
3.Over het geheel van de gefactureerde bedragen voor jouw
dienstverlening én onkosten bereken je het btw-tarief dat voor
jouw dienstverlening geldt (meestal: 21%).
Bijzonderheden met betrekking tot reiskosten
In de prijs van vervoersbewijzen in het openbaar
vervoer (trein, bus, tram, metro) en taxibonnen zit
6% btw, ook al staat dat er niet op.
Er staat namelijk een uitzondering in de wet op de
omzetbelasting waardoor het vervoersbewijs geldt
als btw-factuur.
Als je het vervoersbewijs in je administratie bewaart,
dan mag je 6/106e deel van de prijs als betaalde
btw terugvragen.
De kosten exclusief btw (100/106e van de prijs)
belast je door aan de opdrachtgever.
Bij het doorbelasten van autokosten
ben je vrij om met de opdrachtgever een kilometervergoeding
overeen te komen.
Hiervoor gelden geen fiscale regels. De vergoeding draagt bij
aan je omzet en je betaalt er gewoon btw en
inkomstenbelasting over.
Het is echter gebruikelijk om dezelfde vergoeding te hanteren
als een werkgever belastingvrij aan zijn werknemer en jouw
bedrijf aan jou mag uitkeren voor zakelijk gebruik van een
privéauto: € 0,19 per kilometer (2014).
Als je dit bedrag kiest zul je er geen discussie over krijgen met
je opdrachtgever.
Btw op eten en drinken?
Btw over eten en drinken in een hotel,
restaurant, café, pension en dergelijke mag je
niet terugvorderen.
Je belast de kosten inclusief btw door aan de
opdrachtgever.
Hoe zit het met verzendkosten en porti?
Als je weleens boeken via internet bestelt, dan zie
je dat de verzendkosten soms buiten de btwheffing vallen.
Ook op postzegels zit geen btw.
Maar als jij iets naar of namens een
opdrachtgever verstuurt en je belast de
verzendkosten door, dan moet je dat optellen bij
de omzet en daarover de btw heffen die voor jouw
dienstverlening geldt (meestal 21%).
De reden dat PostNL en boekverzenders
soms geen btw heffen over verzendkosten
is dat voor PostNL een uitzondering staat
in de wet op de omzetbelasting.
De boekhandels zijn formeel een
agentschap van PostNL.
Als freelancer geldt deze uitzondering
echter niet voor jou.
Je bent dus verplicht btw te heffen
over portokosten/verzendkosten.
Voorbeeld
Stel je bent adviseur en op verzoek van een
opdrachtgever reis je per trein naar iemand om te
adviseren (treinkaartje: € 21,40),
betaal je de rekening van het café waar het gesprek
plaatsvindt (€ 9,60),
koop je een boek over het betreffende onderwerp (€
23,95 inclusief 6% btw)
en stuur je dat boek met het artikel per post naar de
opdrachtgever (verzendkosten: € 2,40).
Het betreft een commerciële advies,
je moet dus 21% btw heffen. Op jouw factuur komt
dan bijvoorbeeld te staan:
Omschrijving
Advies met J. Jansen en schrijven rapport,
4 uur à € 50
Treinreis naar Eindhoven voor het gesprek
Koffie/thee gesprek
Boek
Verzendkosten boek en artikel
Subtotaal
btw 21%
Totaal
Bedrag
€ 200,00
€ 20,19
€ 9,60
€ 22,59
€ 2,40
-------€ 254,78
€ 53,50
======
€ 308,28
Bij de btw-aangifte
draag je de omzetbelasting van € 53,50
uiteraard af,
maar mag je de volgende voorbelasting in
mindering brengen:
Treinreis: € 1,21
Boek: € 1,36
Waar blijft de originele bon of factuur?
De originele bon of factuur blijft in jouw administratie.
Het is immers jouw zakelijke inkoop die jij moet
kunnen verantwoorden tegenover de belastingdienst.
Voor de opdrachtgever geldt hetzelfde, zou je denken,
maar die verantwoordt zijn kosten en btw met jouw
factuur.
Als je opdrachtgever een nadere verantwoording wil
zien van de gemaakte kosten, dan stuur je een
fotokopie van de bon als bijlage mee met jouw factuur.
Je kunt dit ook standaard doen, om discussie en
betalingsproblemen te voorkomen.
Veelgemaakte fouten
Enkele veelgemaakte fouten bij het doorbelasten van
kosten zijn:
De prijs inclusief btw wordt doorbelast aan de
opdrachtgever, terwijl de betaalde btw mag worden
teruggevraagd aan de belastingdienst. Zo breng je de
opdrachtgever te veel in rekening en krijg jij de btw
tweemaal terug: één keer van de belastingdienst en één
keer van de opdrachtgever.
De prijs inclusief btw wordt doorbelast aan de
opdrachtgever en de betaalde btw wordt niet
teruggevraagd aan de belastingdienst. Dit gebeurt met
name met treinkaartjes en taxibonnen, omdat veel
mensen niet weten dat hiet 6% btw in zit. Het gevolg is
dat de kosten voor de opdrachtgever onnodig worden
verhoogd met de btw.
De originele bon wordt met de factuur meegestuurd
aan de opdrachtgever. Daardoor kun je zelf bij een
belastingcontrole in de problemen komen, omdat je
jouw zakelijke kosten en teruggevraagde btw niet
goed kunt verantwoorden.
Op de factuur van een freelancer wordt btw geheven
over de dienstverlening, maar niet over de
doorbelaste onkosten. Dit is fiscaal onjuist en kan je
op een naheffing en/of boete van de belastingdienst
komen te staan.

similar documents