PowerPoint

Report
Uiterlijke structuur aanbrengen
Index
• Waarom een nadrukkelijke structuur?
• Hoe maak je de structuur zichtbaar?
– Met indelingen, titels en inleidingen
– Door de tekst op te bouwen in alinea’s
– Door alinea’s te verbinden
– Door alinea’s op te bouwen rond een kernzin
– Door de alineastructuur via kernzinnen zichtbaar te maken
Waarom een nadrukkelijke structuur?
Door een duidelijk zichtbare structuur maak je de tekst voor de lezer
begrijpelijk en prettig leesbaar:
• Titels en kopjes
• Alinea-indeling
• Verwijswoorden en verbindingszinnen
• Herkenbare kernzinnen per alinea
Hoe maak je de structuur zichtbaar (1)
Bron: Handboek Academisch Schrijven, Joy de Jong (2011).
•Nadrukkelijk
Door deze nadrukkelijk te maken:
Onopvallend
Indeling van de tekst
Doorlopende tekst
Titels en subtitels
Geen titels of kopjes
Inleiding(en)
Geen inleidingen en samenvattingen
Veel toelichtingen op de structuur
Geen toelichtingen op de structuur
Overkoepelende woorden en zinnen
Geen overkoepelende woorden of zinnen
Veel signaalwoorden en verwijzingen
Geen signaalwoorden en verwijzingen
Gebruik van schema’s
Uitsluitend tekst
Hoe maak je de structuur zichtbaar
(2)?
Met indeling, titels en inleidingen
Met een duidelijke indeling maak je de kern snel duidelijk aan de lezer
• Witregels en inspringen maken zichtbaar wat de verschillende onderdelen
van het geheel zijn
• Titels geven het onderwerp van het geheel weer
• Inleiding geeft aan waar een tekst over zal gaan. Beschrijf hierin thema en
de belangrijkste vragen of subthema’s
Hoe maak je de structuur zichtbaar
(3)?
Door de tekst op te bouwen in alinea’s
Door de tekst in verschillende samenhangende blokjes op te delen, is de
inhoud makkelijker te herkennen en begrijpen voor de lezer
•
•
•
•
Dat betekent: per alinea één onderwerp
Geen alinea die meer dan één onderwerp heeft
Geen alinea die geen onderwerp heeft
En ook geen twee alinea’s die eigenlijk hetzelfde zeggen
Zelf aan de slag? Zie Hand-out 3: ‘Hoe geef ik in elke alinea de kernzin aan?’
Hoe maak je de structuur zichtbaar
(4)?
Door zinnen en alinea’s te verbinden met signaalwoorden en/of
verbindingszinnen
• Iedere zin verhoudt zich op een bepaalde manier tot de vorige
• Ook iedere alinea verhoudt zich op een bepaalde manier tot de vorige.
Bijvoorbeeld: een opsomming, een tegenstelling of een verklaring
• Je kunt die structuur duidelijker maken door verbindingen in en tussen
alinea’s expliciet te maken. Dit kan door middel van het gebruiken van
signaalwoorden en verbindingszinnen
Zelf aan de slag? Zie Hand-out 2: ‘Welke verwijswoorden en
signaalformuleringen kan ik inzetten?’
Hoe maak je de structuur zichtbaar
(5)?
Door een alinea op te bouwen rond een een kernzin
Een goede alinea bestaat uit een kernzin en uit een uitwerking van de kernzin in de overige zinnen.
De kernzin bevat de belangrijkste informatie van de alinea. De kernzin is meestal de eerste, tweede of laatste
zin van de alinea. Lezers krijgen zo een snel overzicht van de inhoud van de alinea.
De kernzin werk je uit in de rest van de alinea. Een alinea bestaat gemiddeld uit drie tot tien zinnen.
Uitwerkingen van een kernzin worden gevormd door:
•
een voorbeeld
•
nadere uitleg of toelichting
•
argumentatie .
Zelf aan de slag? Zie Hand-out 3: ‘Hoe geef ik in elke alinea de kernzin aan?’
Hoe maak je de structuur zichtbaar
(6)?
Door de alineastructuur via kernzinnen zichtbaar te maken
•
•
•
•
In de eerste, tweede en laatste zin verwijs je naar het thema: je maakt gebruik van
verwijswoorden en signaalformuleringen.
De eerste zin van de alinea is een verbindingszin die de overgang van de vorige naar deze
alinea aangeeft: je verwijst terug en vooruit.
De tweede zin bevat de kerngedachte van de alinea: je legt uit/definieert/beantwoordt een
deel van een onderzoeksvraag.
In de laatste zin vormt een korte deelconclusie of samenvatting van de alinea: je verwijst in de
volgende alinea terug naar deze laatste zin.
Zie ook: HAND-OUT ‘UITERLIJKE STRUCTUUR 3’: ‘HOE GEEF IK IN ELKE ALINEA DE KERNZIN AAN?
Zelf aan de slag?
Check ook de hand-outs van deze module om zelf aan de slag te gaan:
• Hand-out 1: ‘Hoe maak ik de structuur van mijn tekst zichtbaar?’
• Hand-out 2: ‘Welke verwijswoorden en signaalformuleringen kan ik
inzetten?’
• Hand-out 3: ‘Hoe geef ik in elke alinea de kernzin aan?’
Bronvermelding
Boeken:
Dirven, J. en Haag, E. (2008), Schrijven in stappen, handboek voor de verslaglegging van literatuuronderzoek,
LEMMA uitgeverij,
Jong, de J. (2011), Handboek academisch schrijven, in stappen naar een essay, paper of scriptie, Uitgeverij
Cotinho
Website:
Van de RUG Groningen: een website met algemene tips over structurering van een tekst:
http://www.rug.nl/education/other-study-opportunities/hcv/schriftelijke-vaardigheden/voor-studenten/
Het online taaladviespunt van de HvA en UvA: http://www.taalwinkel.nl/schrijfproces/de-opbouw-van-eenalinea/

similar documents